Werkgroep Congo-Ned

Nieuwsbrief 10 : december 2005

````````````````````````````````````````````````````````````````````````````````````````````````````````````
19 december 2005 is voor Congo een gedenkwaardige dag. Niet alleen vanwege het referendum over de ontwerp-grondwet (waarover hieronder meer) maar ook door de uitspraak van het Internationale Gerechtshof (ICJ) in Den Haag. Dit veroordeelde in niet mis te verstane bewoordingen Oeganda voor de misdaden, door dit land begaan op Congolees grondgebied. Het gaat om een procedure die door de voormalige Congolese president Laurent Kabila aanhangig was gemaakt om Oeganda veroordeeld te krijgen en dit land te verplichten tot schadevergoeding voor de aangerichte verwoestingen en het leed van de Congolese bevolking. Het Hof veroordeelt Oeganda wegens zijn militaire agressie die begon in augustus 1998, toen zijn leger een deel van Congo bezette en voor de schendingen van het internationale recht jegens de bevolking van de bezette gebieden. Speciaal het Oegandese leger (UPDF) moet het ontgelden wegens de talloze gevallen van moord, marteling en andere vormen van onmenselijke behandeling, vernieling van huizen en gebouwen, en het niet ontzien van burgers tijdens militaire confrontaties. Het UPDF heeft in Congo kindsoldaten opgeleid en heeft aangezet tot etnische haat. Als bezetter van Ituri heeft Oeganda zich jegens de bevolking onttrokken aan zijn verplichtingen onder de internationale humanitaire wetten en die van de mensenrechten. Het Hof veroordeelt Oeganda tot vergoeding van de aangerichte schade en van de onder leiding van de UPDF uitgevoerde plundering van natuurlijke rijkdommen van Congo. De omvang van de schade (die volgens Congo 6 à 10 miljard dollar beloopt) zal, zo nodig door tussenkomst van het ICJ, nader worden vastgesteld.
Onszelf stemt deze uitspraak tot voldoening omdat we jarenlang hebben geprotesteerd tegen bezetting door Oeganda en Rwanda en tegen de misdaden van deze landen jegens de Congolese bevolking, waarvoor we in Nederland weinig steun kregen: Al die jaren is de Nederlandse regering doorgegaan met miljoenensteun aan het misdadige regime van Museveni en 'partnerland' Oeganda! Een soortgelijke procedure bij het ICJ tegen Rwanda is nog in behandeling.

Referendum

Op 18 en 19 december werd in het hele land een referendum gehouden over een nieuwe grondwet. Volgens de Onafhankelijke Kiescommissie (CEI) waren er toen ongeveer 25 miljoen kiesgerechtigden ingeschreven. Kerken en organisaties van de Société Civile hebben hun best gedaan aan de bevolking duidelijk te maken waarover het verkiezingsproces gaat, waarvan het referendum de eerste stap is. Op het moment dat wij dit schrijven is de uitslag van 12.200 (34%) stembureaux bekend. Daar heeft ruim 78% OUI gestemd; men kan er dus wel van uitgaan dat de grondwet is aangenomen.

Erkend moet worden dat op de referendumdag de precieze tekst van de ontwerp-grondwet slechts aan weinig Congolezen bekend was; een uittreksel ervan was pas laat verspreid. Er zijn er die "NON" gestemd hebben omdat ze tegen de huidige regering zijn, niet omdat ze de tekst verwerpen.
Over de tekst zelf is in de aanloop heel wat te doen geweest en hij vertoont de tekenen van een compromis. Na afloop van de transitie krijgt Congo een semi-presidentiële regering en een unitaire maar gedecentraliseerde staatsvorm. De president wordt in directe verkiezingen aangewezen en krijgt grote bevoegdheden. Aan het hoofd van de regering staat een premier met bevoegdheden die hij voor een aanzienlijk deel moet delen met de president. De haast onvermijdelijke spanningsverhouding tussen deze beiden doet sommigen denken aan het begin van de jaren 60 toen president Kasa Vubu en premier Lumumba tegenover elkaar stonden, met desastreuze afloop.
De grondwet voorziet in een herindeling van het land in 25 provincies, plus de stad Kinshasa. Hoewel de meeste macht geconcentreerd blijft in Kinshasa, krijgen de provincies een eigen democratisch bestuur met een parlement, ministers en aan het hoofd een gouverneur. Onder de bevoegheden van het provinciaal bestuur valt het heffen van belasting, waarvan het 60% moet afdragen aan de centrale regering, volgens velen een veel te hoog percentage.De grondwet garandeert de onafhankelijkheid van de rechtspraak en gelijke rechten voor man en vrouw.
Een steen des aanstoots was in de discussie het grondwetsartikel over de 'nationaliteit': wie kan claimen Congolees te zijn? De kwestie speelt vooral in het Oosten van het land waar veel Rwandeessprekenden wonen die graag als Congolees worden beschouwd, maar die volgens lokale bewoners Rwandezen zijn die de bezetting door Rwanda hebben helpen organiseren. De formulering van het artikel herleidt de Congolese nationaliteit nu tot de vraag of men afstamt van personen die in 1960 bij de onafhankelijkheidsverklaring in Congo gevestigd waren, maar is verre van ondubbelzinnig.

Rijkdom en armoede

De verlenging van de overgangsperiode was wellicht onvermijdelijk, maar dient niet het belang van de bevolking. De zelfverrijking door de machthebbers gaat onverminderd voort, en verder moeten de kassen van de partijen van het huidige bewind worden gevuld, waarmee men straks goede sier wil maken. Na een onderzoeksrapport van een parlementscommissie was de president genoodzaakt enkele ministers te vervangen, maar zij worden niet vervolgd voor hun malversaties. Het deel van het staatsbudget dat bestemd is voor de regering wordt ver overschreden, waardoor voor sociaal beleid niets overblijft.
Dit leidde in september onverwacht tot een confrontatie: onder leiding van hun vakbonden SYECO en SYNECAT weigerden de docenten in het lager en middelbaar onderwijs aan het begin van het schooljaar de lessen te vervatten. De ambtenaren hadden in februari 2004 met de regering een overeenkomst gesloten, dat hun hongerlonen (voor de meesten rond 1$ per dag) in 2005 zouden worden opgetrokken tot tenminste $ 208 per maand. Maar de regering was die belofte, het zogenaamde akkoord van Mbudi, niet nagekomen. De staking maakte ineens de onrechtvaardigheid bij de verdeling van het overheidsbudget openbaar: de regering zei dat het geld op was, maar daar hadden de stakers terecht geen boodschap aan. De regering kreeg de steun van het IMF, dat stelde dat het uitbetalen van de overeengekomen salarissen de macro-economische stabiliteit zou aantasten. Na een enkele maanden durende patstelling, waarbij in de samenleving hoe langer hoe meer onrust ontstond, werd een compromis gesloten. Daarbij kregen de ambtenaren een deel van de salarisverhoging met bovendien de toezegging dat hun salaris vanaf 2006 wel volledig zou worden uitbetaald.
De ontwerp-begroting 2006 is inmiddels gepubliceerd, maar de uitgaven in verband met het akkoord van Mbudi zijn er niet in terug te vinden!

Mijnbouw en bosbouw

Volgens de raadgevers van de Wereldbank en het IMF moet Congo het vooral hebben van de export van delfstoffen en hardhout. Om dit te reguleren zijn onder leiding van de bank een mijnbouwcode en een bosbouwcode opgesteld, die echter nog dode letter zijn gebleven: vriendjespolitiek en corruptie gaan voorlopig gewoon door.
De diamantreus MIBA in Mbuji Mayi lijkt de enige grote mijnonderneming met heldere plannen. De leiding zegt in het Israelische bedrijf Emaxon een betrouwbare partner te hebben gevonden die de dringend nodige vernieuwing van machines heeft mogelijk gemaakt. Verder is een joint venture gesloten met de multinational De Beers en met een Russisch bedrijf om nieuwe delen van het concessiegebied, dat wel 78.000 km2 beslaat, te gaan exploreren. President-directeur Luabeya Tshitala van MIBA verwacht voor Mbuji Mayi en omgeving een glanzende toekomst.

Het tegendeel geldt wel voor wat over is van Gecamines, de koper-gigant waar de economie van Congo/Zaire decennialang op dreef. Volgens de voormalige directeur, de Belg Robert Crem, is het bedrijf op onoordeelkundige wijze geprivatiseerd en wordt het leeggestolen door mistige buitenlandse bedrijfjes die alleen op snel voordeel uit zijn. Dagelijks rijden vrachtwagens vol kostbare koper- en kobalterts de grens over zonder dat het land er beter van wordt. De arbeiders van het oude Gecamines zijn merendeels ontslagen en leven in armoede. Met moeite proberen niet-gouvernementele organisaties, zoals Asadho, enige greep te krijgen op de ontwikkelingen in het belang van de bewoners van het gebied.

De bosbouwcode is nog niet operationeel en er is officieel een moratorium op de uitgifte van concessies. Internationale milieu-organisaties houden hun hart vast, want de code lijkt precies op die van het naburige Kameroen, en daar zijn de gevolgen rampzalig zowel voor het bos als voor de lokale bevolking die daarin placht te leven. Om de zaak van het bos en met name van de in het oerwoud levende Pygmeeën te bepleiten is begin december een internationale delegatie naar de Wereldbank in Washington gegaan. Daar hebben zij de plechtige verzekering gekregen dat de bank geen steun geeft aan projecten waarin natuurbehoud en het belang van de bevolking niet is gegarandeerd.


gaat dit oerwoud verdwijnen?

Oost-Congo

Afgaand op de berichten is in Zuid- en Noord-Kivu de situatie nu kalmer dan voorheen. Dat bevestigde een van onze Congolese vrienden die voor het eerst sinds 12 jaar in de buurt was van Uvira (Zuid-Kivu) de streek waar hij geboren is, om de helpende hand te bieden aan de vluchtelingen die uit kampen in Tanzania terugkeren naar hun vroegere dorpen. De bevolking maakt een ontspannen indruk. Maar het leger vormt geen eenheid: troepen van de voormalige RCD, van de FARDC (het Congolese leger) en Mayi-Mayi milities patrouilleren afzonderlijk door de straten en respecteren doorgaans elkaars territoir.

Ook mensenrechtenactivist Sheldon Hangi van de Action Sociale pour la Paix et le Développement, die enkele maanden geleden met zijn gezin uit Goma (Noord-Kivu) naar Kampala vluchtte, is naar zijn woonplaats teruggekeerd.

Wel werd Pascal Kabungulu van de organisatie "Héritiers de la Justice" in zijn huis in Bukavu, de hoofdstad van Zuid-Kivu, voor de ogen van zijn gezin vermoord. De vermoedelijke daders werden snel gegrepen en ingesloten. Ze werden echter vrijwel onmiddellijk door de commandant van de 105e brigade van de FARDC, Thierry Ilunga, bevrijd, waarna ze er van door gingen. De grote verontwaardiging in de stad en de aanwezigheid van MONUC zullen ertoe hebben bijgedragen dat de bijna spreekwoordelijke straffeloosheid is doorbroken. Er is een openbaar proces gaande waarbij naast commandant Ilunga ook de inmiddels ontslagen vice-gouverneur Didace Kaningini in de beklaagdenbank zit.

De VN-Veiligheidsraad heeft op basis van rapporten van een commissie die onderzoek heeft gedaan naar wapenhandel in Oost-Congo financiële- en reisbeperkingen ingesteld tegen enkele personen en tegen de paramilitaire organisatie TPD die door gouverneur Serufuli van Noord-Kivu was opgericht, en die verantwoordelijk wordt geacht voor ondermeer het verstrekken van wapens aan burgers.

Het leger

Met het oog op de verkiezingen en de daarop volgende periode is een betrouwbaar leger van het grootste belang. Vandaar dat met name de EU veel geld en moeite steekt in de 'brassage' en in training van legeronderdelen. Dit is een enorme klus, want zelfs na afslanking omvat de FARDC meer dan 100.000 troepen.
Op dit moment heeft het leger zes geïntegreerde brigades waar de staat redelijk van op aan kan, mits de manschappen regelmatig soldij ontvangen. Dat is een groot probleem, want het geld dat aan de top beschikbaar wordt gesteld (maandelijks $ 8 miljoen), bereikt vaak niet de soldaten waarvoor het bestemd is. Daarom heeft de EU sterke druk uitgeoefend op de Congolese regering om een overzichtelijk betaalsysteem op te zetten dat het onmogelijk maakt dat het geld ongezien 'wegraakt'. De regering heeft daar nu, naar het schijnt met forse tegenzin, in berust.

Ontwikkeling

Hoewel miljoenen dollars van internationale financiële instellingen en donoren het land binnenstromen (57% van het overheidsbudget 2006 wordt daardoor gedekt) is van echte ontwikkeling geen sprake. Als tegenprestatie voor de hulp en de in het vooruitzicht gestelde schuldverlichting wordt Congo vastgeklonken aan het mondiale economische stelsel. Bovendien bestaat de hulp grotendeels uit leningen waardoor nieuwe schulden worden opgebouwd. Reeds in de schamele begroting 2006 ter grootte van $ 2.1 miljard (0,25% van de EU-begroting!) is 24 % bestemd voor rente en aflossing van de buitenlandse schuld.
Samen met de CNONGD, de koepel van Congolese niet-gouvernementele ontwikkelingsorganisaties, is de 'Coalition Dette Exterieure de la RDC' (CDE/RDC) opgericht. De deelnemers komen uit alle geledingen van de bevolking. Ze proberen gezamenlijk alternatieven te ontwikkelen om "het land te laten ontsnappen aan de infernale cyclus van de buitenlandse schuld en mee te nemen op een weg van duurzame ontwikkeling en in het belang van de bevolking". Hun strijd sluit aan bij die van het Wereld Sociaal Forum (WSF), waarvan de Afrikaanse deelnemers in januari in Bamako bijeenkomen, en bij het thema 'Duurzame globalisering' van het Nederlands Sociaal Forum. Vandaar ook dat we de CDE/RDC naar vermogen willen steunen.

rijst en maisvelden bij Kisangani

Enkele activiteiten

" De coördinatrice a.i. van AFEDECO, rurale vrouwenorganisatie in Kisangani, houdt ons regelmatig op de hoogte van het wel en wee van de landbouwprojecten in gehuchten als Ngenengene, Kubanga, en Kilometer 12. Steeds meer boeren sluiten zich aan, want ze kampen allemaal met dezelfde problemen, zoals de instabiliteit van het klimaat die maakt dat oogsten verloren gaan door tekort aan regenval. Meer daarover kunt u lezen op onze website.

" De voorzitter van CNONGD (Conseil National des Organisations Non-Gouvernementales pour le Développement) kwam bij ons bezoek. Hij is ook actief lid van de CDE/RDC, de hierbovengenoemde coalitie tegen de buitenlandse schuld van Congo. Hij geeft beroepshalve leiding aan een instelling die bezig is, met behulp van geld uit kerkelijke bronnen, een microkrediet-netwerk op te zetten, wat in Congo nog onderontwikkeld is. Congo-Ned is van plan zijn ideeën verder te brengen.

" Congo-Ned is een gespreksgroep gestart over de mogelijkheden voor ontwikkeling van de landbouw op het Plateau de Bateke bij Kinshasa, een gebied dat voor de voedselvoorziening van deze stad van groot belang is. De groep bestaat uit Congolezen die daar relaties hebben en Nederlanders die de situatie er kennen. Een lid van de groep brengt dezer dagen een bezoek aan gemeenschappen in het gebied.

" En, Paul Mbikayi, lid van de Werkgroep, heeft opnieuw de Marathon van Amsterdam gelopen, wat rond $ 500 aan sponsorgelden opleverde. Die zijn dit keer bestemd voor sportuitrusting van Congolese meisjes.

referendum over de grondwet

Boekbespreking

Op dit ogenblik is de diamant-onderneming MIBA de belangrijkste binnenlandse inkomensbron van de Congolese staat. MIBA heeft aangekondigd een joint-venture te zijn aangegaan met ondermeer het bedrijf De Beers, de bekendste diamantexploitant en diamantverkoper ter wereld. Over de handel en wandel van deze firma gaat het boek "Glitter and Greed, the secret world of the diamond cartel" van Janine Roberts (2003). Het is het verslag van een onderzoekingstocht sinds 1972 naar de manier waarop het bedrijf, later vooral geassocieerd met de familie Oppenheimer, sinds omstreeks 1870 zijn fabelachtige rijkdom heeft vergaard. Van origine een Zuid-Afrikaanse onderneming, was het decennialang een belangrijke steunpilaar van het apartheidregime. De zoektocht start in Australie waar in naam van de diamant de rechten van de Aboriginals worden vertrapt en voert langs mijnen waar zwarte Afrikanen eind '90 nog steeds onder onmenselijke omstandigheden diamant delven en langs sweatshops in India waar kinderen de juwelen slijpen voor de Westerse upperclass. Maar Roberts duikt ook in de geschiedenis om aan de hand van originele documenten de politieke tentakels van het, tot verkoopkartel uitgegroeide, De Beers imperium na te speuren. Zo blijken juist de Congolese mijnen in de Tweede Wereldoorlog Hitler-Duitsland van de broodnodige industriediamant voor het V2-programma te hebben voorzien, daarmee de oorlog zeker een half jaar rekkend. Kortom, De Beers was (en is?), ondanks mooie verkooppraatjes, een weergaloze geldmachine voor wie mensen niet tellen. Congo zij gewaarschuwd!

Congo-Ned wenst u fijne feestdagen en een gelukkig Nieuwjaar

Werkgroep Congo-Ned
Adres: 2e Oosterparkstraat 215 II,
1092 BK Amsterdam
Tel. (0)20 6718773
Fax (0)20 4631984
Tekst: Nico Dekker.
Logo en fotobewerking: NINO-kunstservice
Als u vragen of opmerkingen heeft naar aanleiding van deze nieuwsbrief, stuur ons dan een berichtje.

De Werkgroep Congo-Ned heeft als doel informatie te verspreiden over Centraal-Afrika, in het bijzonder de DR Congo, en bij te dragen aan de verbetering van de leefsituatie van de bevolking aldaar. Congo-Ned maakt deel uit van de Stichting Amani ya Congo, KvK 34168881.Gironummer 9263303 te Amsterdam.

home