Werkgroep Congo-Ned

Nieuwsbrief 23: januari 2012

`````````````````````````````````````````````````````````````

We hebben geaarzeld of we nog een nieuwsbrief zouden rondsturen. Van de hoop die we koesterden bij het samenstellen van de vorige (Nieuwsbrief 22 van december 2010) is weinig uitgekomen. Firmin Yangambi zit nog steeds in de Makala gevangenis in Kinshasa en Victoire Ingabire wacht uitzichtloos de bizarre Rwandese rechtsgang af in een cel in Kigali. Het Mapping Report van de VN-mensenrechtencommissaris heeft veel inkt doen vloeien maar geen proces op gang gebracht dat een einde maakt aan de straffeloosheid van de massamoordenaars in Oost-Congo. Maar door niets meer te laten horen zouden we meewerken aan de vergetelheid die onze tegenstanders graag wensen. Bovendien geven de Congolese verkiezingen van 28 november jl. een unieke gelegenheid om duidelijk te maken tot welk laag niveau de regime van Joseph Kabila is afgegleden en hoe huichelachtig de buitenwereld is die graag een morele integriteit pretendeert maar tegelijk de greep op de bodemschatten van het land wil houden waarbij de bevolking in feite alleen een hinderlijke bijkomstigheid is.

Kabila vrijwel kansloos

Meer dan een jaar is het machtsapparaat van president Kabila bezig geweest met het voorbereiden van verkiezingen die een eclatante overwinning voor de zittende president moesten opleveren. Dat laatste was zeker geen sinecure want het staatshoofd heeft weinig te tonen om trots op te zijn. Van zijn regeringsprogramma 'Cinq Chantiers' dat het land een weg uit de armoede beloofde: gezondheidszorg, onderwijs, herstel van de wegen enzovoorts, is minder dan niets terecht gekomen. In de Human Development Index van de VN staat Congo op de 187 ste, dus allerlaatste, plaats. Behalve voor een elite, die baadt in weelde, zijn het voor de Congolese bevolking vijf verloren jaren; weinig reden dus om de zittende president een nieuwe termijn te gunnen.

Joseph Kabila had in 2006 de eerste algemene verkiezingen na de oorlog gewonnen dank zij de stemmen uit de oostelijke provincies, met name uit Noord- en Zuid-Kivu. Voor de mensen daar vertegenwoordigde hij de herwonnen vrede en veiligheid na de terugtrekking van de gehate Rwandese soldaten. Daarvoor beloonden ze hem toen met een overweldigende meerderheid van stemmen. Maar het gedroomde perspectief is verdampt. Niet alleen legde het Congolese leger, de FARDC, het af tegen door Rwanda gesteunde Tutsi-rebellen, de CNDP van Laurent Nkunda, maar Kabila besloot vervolgens tot een militair bondgenootschap met de vijand om gezamenlijk de Rwandese Hutu-rebellen, de FDLR, en de tegenstanders tegen zijn eigen regime te bestrijden. Sindsdien verkeren grote delen van Kivu in permanente staat van oorlog, met alle schendingen van elementaire mensenrechten die daarmee samengaan. Behalve door mensen die profiteren van de wanorde, zoals militairen en handelaars in mijnbouwproducten, wordt Joseph Kabila veracht als leugenaar en stroman van Kagame. Zonder manipulatie waren er voor zijn herverkiezing uit Kivu dus weinig stemmen te verwachten.

Ook in de stadprovincie Kinshasa met zijn miljoenen stemgerechtigden was voor de zittende president - door velen daar en in de diaspora beschouwd als 'Rwandees' - weinig eer te behalen. De armoede in de volkswijken is enorm; de meeste inwoners voeren een dagelijkse strijd voor voldoende voedsel om te overleven. Electriciteit en drinkwater zijn ondanks alle beloften uit 2006 nog even schaars of vaak helemaal afwezig. Weliswaar is de belangrijkste rivaal van Kabila uit 2006, Jean-Pierre Bemba, bij het Strafhof in Den Haag geparkeerd op beschuldiging van mensenrechtenschendingen door zijn manschappen tijdens een burgeroorlog ( 2002-2003) in de Centraal-Afrikaanse Republiek. Maar de populariteit van Bemba is overgenomen door de leider van de UDPS, Etienne Tshisekedi, die na een lange periode van vrijwillige ballingschap is teruggekeerd om de handschoen tegen Joseph Kabila op te nemen. Ondanks zijn hoge leeftijd - hij is 79 - vertegenwoordigt hij, veeleer dan Kabila, de hoop van miljoenen jongeren in grote bevolkingscentra (Kinshasa, Lubumbashi, Mbuji-Mayi, Kananga), om ooit nog eens een behoorlijke boterham te kunnen verdienen.

Goedschiks of kwaadschiks

Niet bewust van de "hold-up électoral" die door de maffia van Kabila werd voorbereid, schreven de Congolese kranten maandenlang over mogelijke partijcombinaties en presidentskandidaten en over prognoses van aantallen stemmen die ze zouden kunnen vergaren. Met name de idee dat een 'candidat unique' van de oppositie wellicht Kabila zou kunnen verslaan hield de lezers in Kinshasa en in de diaspora in haar ban. Die unieke candidaat kwam er niet: het vereiste dat de halstarrige Tshisekedi een deal zou sluiten met de jongere ambitieuze politicus Vital Kamerhe, afkomstig uit Zuid-Kivu, die als voorzitter van het parlement door Kabila opzij was geschoven omdat hij vraagtekens had gezet bij Kabila's overeenkomst met Kagame. Het is goed mogelijk dat "Tshitshi" de strategie van Joseph heeft doorzien en begrepen heeft dat tegen de massale manipulatie van uitslagen waartoe deze in staat was, toch niets te doen is, en dat hij moest mikken op post-electorale actie: taai verzet bieden in de hoop dat de (nationale en internationale) publieke opinie uiteindelijk Joseph Kabila c.s. het 'consumeren van hun overwinning' onmogelijk zou maken.

De trukendoos

Binnen een periode van enkele dagen (12-13 januari 2011) werd de Grondwet gewijzigd: het twee-rondensysteem voor de presidentsverkiezing werd vervangen door een systeem met maar één ronde; wie de meeste stemmen heeft wordt president (ook als het percentage onder de 50 ligt). Omdat voor dit besluit een 2/3 parlementaire meerderheid nodig was, werden royaal cadeaus uitgedeeld onder de parlementariërs die bereid bleken hun stem aan het voorstel te geven.
In het Hooggerechtshof dat reeds lang kampte met een tekort aan magistraten, werden plotseling door de president 18 kersverse rechters benoemd, allemaal uit zijn eigen politieke achterban. Dat was van belang, want volgens de Congolese wet is het Hof de instantie die moet beslissen over geschillen inzake de uitslagen van de verkiezingen, en de officiële uitslagen vaststellen.
Het kiesregister: In Congo is sinds de dagen van Mobutu nooit meer een volkstelling gehouden. Of iemand Congolees is valt veelal niet aan te tonen, maar het bezit van een betrouwbaar ogende kiezerspas wordt sinds 2006 algemeen als bewijsstuk aanvaard. De naderende verkiezngen zijn dus voor miljoenen, vooral jonge kiezers, een unieke gelegenheid een identiteitsdocument te bemachtigen. In de maanden voorafgaand aan de verkiezingen zijn equipes van de CENI het land doorgegaan om kiezerspassen te verstrekken. Vaststaat inmiddels dat velen die ervoor niet in aanmerking komen (kinderen, buitenlanders) een pas hebben gekregen, in sommige gevallen meerdere exemplaren onder verschillende namen. Oppositiepartijen en ngo's hebben een flink aantal gevallen achterhaald en gepubliceerd. Om hoeveel het gaat is moeilijk aan te tonen maar in bepaalde delen van het land zijn de prognoses van de aantallen kiezers (in aanmerking genomen de bevolkingsgroei) op basis van de cijfers van 2006 door de nieuwe cijfers aanzienlijk overschreden.

Volgens een krantenbericht heeft Joseph Kabila een groep ex-rebellen rond 'generaal'' Bosco Ntaganda - zoals bekend, gezocht door het Internationaal Strafhof wegens oorlogsmisdaden , maar thans succesvol handelaar in illegaal gedolven mineralen - beloond met hoge benoemingen in het leger als dank voor hun steun met het oog op zijn herverkiezing als president. Wat voor steun zal dat geweest zijn? In Belgische internetkrant CongoForum.be staat een bericht over een oekaze van de ANR (Nationale Veiligheidsdienst), gedateerd 18 augustus 2010, waarin de troepen worden geïnstrueerd om al het mogelijke middelen - voorbeelden worden genoemd- in te zetten om de herverkiezing van de zittende president zeker te stellen.

Even een paar (officiële) gegevens:

Op maandag 28 november werden tegelijkertijd presidents-en parlementsverkiezingen gehouden. Er waren 11 kandidaten voor het presidentschap en 19.010 voor één van de 500 parlementszetels.
Er is een 'onafhankelijke nationale kiescommissie' (CENI) onder leiding van dominee Daniel Ngoy Mulunda, een familielid en huisvriend van Joseph Kabila. De CENI bestaat uit 8 leden, in meerderheid behorend tot de MP, de regeringscoalitie; de société civile is geweerd. Het kiesregister omvatte 32.024.640 namen. Er waren officieel 62.000 stembureaus ingericht. De uitslagen daarvan moesten gestuurd worden naar één van de 169 compilatiecentra alvorens worden doorgegeven aan de CENI in Kinshasa.
Volgens bekendmaking van de CENI zijn bij de presidentsverkiezingen 8.880.944 (48,95%) stemmen uitgebracht op Kabila en 5.864.795 (32,33%) op diens voornaamste rivaal Tshisekedi.
De uitslagen van de parlementsverkiezingen zijn op dit moment nog niet bekend.

Waargenomen en afgekeurd

De verkiezingsdag verliep in de door wijze instellingen, zoals de International Crisisgroup, voorspelde chaos, die vooral te maken had met onderschatting van de logistieke problemen van de operatie: niet op tijd geopende stembureaus, te weinig stembiljetten, chaos bij de telling van de stemmen, … Maar deze wanorde vormde slechts het décor voor de geplande omvangrijke fraude en bedrog zowel met betrekking tot de presidentsverkiezing als tot de tegelijk gehouden verkiezing van de 500 leden van de Nationale Assemblée. De fraude vond plaats op alle niveaus en zette zich voort in de erop volgende dagen vanaf de stembureaus via de compilatiecentra tot bij de CENI in Kinshasa. Op verscheidene plaatsen werden vrachtauto's aangehouden met ingevulde stembiljetten en met onduidelijke bestemming. De dag na de verkiezingen arriveerden op vliegvelden van Lubumbashi, Goma en Kinshasa vrachtvliegtuigen met pakketten ingevulde stembiljetten afkomstig uit Zuid-Afrika, het land dat eerder aan de CENI blanco biljetten had geleverd. In combinatie met de bovengenoemde vervuiling van het kiesregister zijn mogelijk miljoenen stemmen vals in de lijsten terecht gekomen.

De internationale waarnemersmissies van het Amerikaanse Carter Institute, de Europese Unie (MOE-UE), het netwerk van Europese ngo's EURAC, konden op basis van hun steekproeven niet anders dan constateren dat het verkiezingsproces 'deficient' was geweest en dat de door de CENI gepubliceerde en door het Hooggerechtshof bekrachtigde uitslag 'ongeloofwaardig' was. Veel intensiever was het proces gevolgd door de Katholieke Bisschoppenconferentie (CENCO) die ongeveer 30.000 waarnemers had uitgestuurd en daarmee een kwart van alle stembureaus had gecontroleerd. De conclusie van de CENCO was in diplomatieke bewoordingen: "De verkiezingsuitslag is noch conform de waarheid, noch conform het recht."

Impasse

Ondanks zijn officiële inauguratie op 20 december jl. zit Joseph dus nog allerminst vast in het zadel. Bij de plechtigheid was, behalve president Mugabe van Zimbabwe, geen enkel staatshoofd aanwezig. Algemeen is door regeringen gehoor gegeven aan de oproep van een aantal bekende Amerikaanse mensenrechtenorganisaties om zich op zo laag mogelijke niveau te laten vertegenwoordigen.

Van zijn kant heeft Tshisekedi zichzelf tot winnaar van de presidentsverkiezingen uitgeroepen. Zijn bedoeling om zich op 23 december als 'président élu' van het volk in het grote Stade des Martyrs te laten inhuldigen werd door de Garde Présidentiel van Kabila hardhandig verhinderd. Het hoofdkwartier van de UDPS in de wijk Limete werd op die dag door een pro-kabila meute grondig 'verbouwd'.

Maar de bevolking eist, bij monde van oppositieleider Tshisekedi, van kardinaal Monsengwo en van diverse leiders van de société civile, 'la vérité des urnes'. Voor de verkiezingen is het volk massaal opgekomen en het weet nu dat zijn stem is gestolen. Ondergronds broeit het verzet dat wordt versterkt door de stijgende prijzen van levensonderhoud door de invoering van de BTW. De tijdbom tikt.

Wat doet de 'internationale gemeenschap', met name de landen die zich 'vrienden van Congo' noemen? Al te graag omarmden sommigen de suggestie van het Carter Institute, dat weliswaar erkent dat de uitslag van de presidentsverkiezing vals is, maar dat de 'volgorde van de kandidaten' toch geloofwaardig is! Deze achterbakse suggestie demonstreert het dilemma van het Westen met zijn econmische belangen in Congo: het heeft veel geïnvesteerd in Kabila die westerse bedrijven de gelegenheid geeft te profiteren van de Congolese bodemrijkdommen en laat hem graag nog enkele jaren in het zadel "om zijn werk af te maken".

Hoe Kabila zijn volk oplichtte

Hoe komt Joseph Kabila eigenlijk aan de miljoenen die hij aan zijn campagne spendeerde? Een doorkijkje is te vinden op de website ericjoyce.co.uk van de Schotse parlementarier Eric Joyce, de voorzitter van de All Party African Great Lakes Group.Deze groep bestaat uit 200 leden van het Britse Hoger- en Lagerhuis die als volksvertegenwoordigers intensief de ontwikkelingen in het Afrikaanse Grote Merengebied en de Britse politieke betrokkenheid daarbij volgen. Joyce c.s. wist recent documenten boven tafel te halen waaruit blijkt dat het Katangese staatsmijnbedrijf Sodimico door bemiddeling van de Congolese minister van mijnbouw Kabwelulu een bedrag van $ 10 miljoen overmaakte op het herverkiezingsfonds van de president. Deze brutale plunderactie maakt reeds duidelijk dat Joseph K. niet onderdoet voor Mobutu die op deze manier het staatsmijnbedrijf Gécamines te gronde richtte. Maar dit is slechts een kleinigheid: Uit de documenten op dezelfde website blijkt dat Kabila de afgelopen vier jaar in het geheim meer dan 40 mijnconcessies heeft verkocht aan een reeks, op de Britse Maagdeneilanden gevestigde 'shell companies'. In 4 gevallen is Joyce erin geslaagd de details over de transacties te achterhalen. Het gaat om 'bedrijven' waarin de Israeliër Dan Gertler, huisvriend van de Kabila's, belangrijkste aandeelhouder is. In alle gevallen lag de verkoopprijs vèr onder de marktwaarde. Uit de cijfers blijkt dat voor die 4 bedrijven $ 272 miljoen werd betaald, terwijl de marktwaarde (waarvoor ze vervolgens zijn doorverkocht) $ 5.798 miljoen bedraagt. Alléén door deze 'underselling' van staatseigendommen heeft Kabila zijn volk al voor meer dan 5,5 miljard dollar opgelicht. IMF en Wereldbank die in 2009 met de Congolese regering afspraken hadden gemaakt voor 'transparantie' inzake mijncontracten als voorwaarde voor miljoenen-leningen zijn dus gewoon bij de neus genomen. Degenen die nog ontwikkelingshulp aan het Congo van Kabila bepleiten moeten nog maar eens nadenken!

Conflictvrije mineralen?

Op 1 april 2011 is in de VS de Dodd-Frank wet in werking getreden. Eén paragraaf daarvan heeft betrekking op de mijnbouw in het Grote Merengebied. Van bedrijven die mineralen het land binnenbrengen wordt geëist dat deze aan de Security Exchange Commission (SEC) jaarlijks een zogeheten Conflict Minerals Report overleggen waarin wordt aangegeven welke maatregelen men heeft getroffen om ervoor te zorgen dat hun supply chain geen opbrengst levert aan war lords in Oost-Congo. De wet is het resultaat van een langdurige lobby door grote internationale ngo's zoals Enough en Global Witness bij het Amerikaanse Congress. De meeste consequenties heeft de regeling voor de mineralen die wel worden aangeduid als "de 3 T's": tin (cassiteriet), tungsten (wolfram) en tantalum (coltan). Grote electronica-concerns hebben al eieren voor hun geld gekozen en besloten te stoppen met het kopen van mineralen zonder de nodige certificaten. De Amerikaanse wet is in overeenstemming met afspraken in de VN-Veiligheidsraad die eist dat de grondstoffenhandel voldoet aan 'due dilligence'-regels om te zorgen dat gewapende groepen er niet van profiteren. Dit laatste wordt gecontroleerd door de VN-experts voor het toezicht op het VN-wapenembargo voor Congo. De gevolgen de Amerikaanse wet zijn vooralsnog ambivalent: In Noord-katanga en de Maniema is men tevreden over de gang van zaken, maar anders is het in de Kivu's waar Rwandese Hutu en onvolledig in het Congolese leger geïntegreerde Tutsi onheil stichten. Artisanale mijnwerkers en kleine handelaars kunnen hun opbrengst er niet meer kwijt behalve aan notoire schurken die smokkelwegen kennen om hun waar de grens over te krijgen, zoals de eerdergenoemde Ntaganda. De VN-experts over de wapenhandel rapporteerden dat het wel de goede kant opgaat, en de internationale ngo's willen dan ook niet horen van verzachting van de SEC-regels, waarom de bonafide handel in Kivu vraagt. [Aanbevolen: http://www.mo.be/artikel/de-killer-koning-van-noord-kivu ]

Recht: niet voor Congolezen.

Firmin Yangambi zit sinds september 2009 nog steeds in de Makala gevangenis, evenals trouwens zijn vrienden Ben en Eric. Alleen de enige militair in hun groepje, Elia Lokundu, is in vrijheid gesteld, zogezegd " wegens gebrek aan bewijs", alsof er tegen de drie anderen wèl bewijs was geleverd! Na zijn veroordeling in hoger beroep tot 20 jaar heeft Firmin geprobeerd in appèl te gaan bij het Cour Suprème de Justice, de instelling die inmiddels is uitgebreid met 18 'kabilisten' om de uitslag van de verkiezingen erdoor te hameren. Maar de directeur van de gevangenis gaf hem geen toestemming om een eerste 'audience' bij te wonen! Recht is in Congo een schimmenspel, vorm zonder inhoud. In buurland Rwanda, waar Victoire Ingabire, nog altijd in de cel zit, is het overigens niet beter. We vergeten ze niet, maar wat kunnen we doen?

Firmin Yangambi heeft in gevangenschap een studie geschreven onder de titel "Crise en république démocratique du Congo: Crime contre l'humanité?" Hij begint daarin met een schets van de geschiedenis van zijn land van de slavernij en de barbarij onder Leopold II tot heden. In 1885 werd het immense gebied door de koloniale mogendheden van toen in Berlijn tot 'vrijstaat' uitgeroepen die openstond voor eenieder die er zijn zakelijke belangen wilde nastreven. Sindsdien is daaraan, behalve in naam, nooit verandering gekomen. Het wild-west kapitalisme heerst nog steeds, alleen de uitvoerders wisselen: eerst de Belgen, toen de mobutisten, toen de Rwandezen en nu de Kabila-clan. Toch gelooft hij "dat een ander Congo mogelijk is". Maar dan moet het volk worden doordrongen van een nieuwe politieke filosofie Die moet naar zijn mening gegrond worden op een authentiek religieus denken dat praktisch alle Congolezen delen. Dit moet voeren tot een nieuw bijbels-geïnspireerd mensbeeld, waarvan hij de beginselen neerlegt in zijn "manifeste du national judéo-chrétien' , waarmee het boek afsluit. Het boek is te bestellen bij de uitgever: Editions Epée & Chemins: http://www.editions-epee-et-chemins.com/?page_id=287


Het na-tellen van de stemmen (Foto Radio Okapi)

Werkgroep Congo-Ned
Adres: 2e Oosterparkstraat 215 II, 1092 BK Amsterdam
Tel. (0)20 6718773
Fax (0)20 4631984
e-mail congoned@dds.nl
website www.congoned.dds.nl

Tekst: Nico Dekker.
Logo: NINO-kunstservice
Als u vragen of opmerkingen heeft naar aanleiding van deze nieuwsbrief, stuur ons dan een berichtje.

De Werkgroep Congo-Ned heeft als doel informatie te verspreiden over Centraal-Afrika, in het bijzonder de DR Congo, en bij te dragen aan de verbetering van de leefsituatie van de bevolking aldaar. Congo-Ned maakt deel uit van de Stichting Amani ya Congo, KvK 34168881.Gironummer 9263303 te Amsterdam.