Werkgroep Congo-Ned

Nieuwsbrief 7: december 2004

`
```````````````````````````````````````````````````````````````````

Congo komt in Nederland hoe langer hoe meer in de aandacht. Dit gebeurt doorgaans in het bredere kader van het Afrikaanse "Grote-Merengebied" (GMG). Dat blijkt wel uit een reeks bijeenkomsten die de laatste maanden is georganiseerd, ondermeer door AfroNeth, Cordaid e.a., en Amnesty International. Wat in publicaties onder het "GMG" wordt verstaan verschilt vaak nogal. De minimale opvatting is: Rwanda, Oeganda, Burundi en Congo (RDC), en van dit land speciaal het oostelijke deel. De Nederlandse regering voegt daar blijkens een notitie van Buitenlandse Zaken voor haar beleid graag haar 'partnerlanden' Kenya, Tanzania en Zambia aan toe. De maximale opvatting wordt gehanteerd in verband met de "Internationale Conferentie over Vrede, Veiligheid en Ontwikkeling in het GMG" die door de VN en de Afrikaanse Unie (AU) wordt georganiseerd. Dit is een serie besprekingen en onderhandelingen die op 19 november officieel is begonnen in Dar-es-Salam met een bijeenkomst van wel liefst 11 staatshoofden uit de regio en die pas in de loop van 2005 zal worden afgesloten.
Nederland (thans EU-voorzitter) besteedt samen met Canada veel geld en energie aan de begeleiding van dit proces. Ons land ziet vooral veel in economische samenwerking om de spanningen in het gebied te verminderen en de armoede te bestrijden.
Talloze groepen in de Congolese samenleving hebben het perspectief van de Conferentie aangegrepen om diepgaand en in grote openheid te discussiëren over problemen in de regio en over wegen naar vrede. Dit heeft ondermeer geresulteerd in een 'Cahier de Charge' van de Congolese société civile, een document dus dat namens de Congolese gemeenschap moet dienen als handleiding bij de besprekingen. Het is een helder document dat, hoewel verzoenend van toon, de werkelijke problemen niet toedekt. Helaas is de kans dat uit de buurlanden even openhartige bijdragen zullen komen erg miniem.

Verkiezingen

Volgens het Accord Global moet het transitieproces in Congo leiden tot algemene verkiezingen in juni 2005. Voor de bevolking is dit, tenminste psychologisch, een heel belangrijk ijkpunt: voor het eerst sinds de dagen van Patrice Lumumba zal men zich mogen uitspreken over de vraag door wie men wil worden bestuurd. Het belang ervan wordt sterk gevoeld bij maatschappelijke organisaties zoals de kerken, de société civile, vakbonden, universiteiten enz. Samen met de officiële 'onafhankelijke verkiezingscommissie', die het verkiezingsproces moet organiseren, hebben zij een coalitie gevormd om de bevolking te informeren over wat op het spel staat en te waken over het goede verloop van de verkiezingen zelf.

Tegenover dit enthousiasme klinken ook sceptische geluiden. De wetgeving die nodig is alvorens verkiezingen kunnen worden gehouden, loopt hoe langer hoe meer vertraging op. Er is nog steeds geen 'nationaliteitswet' (Wie is er Congolees?), geen concept-Grondwet (waarover de eerste ronde, het referendum, zal gaan), geen kies- en referendumwet, enz. En minstens zo belangrijk: de éénmaking van het leger vlot nog helemaal niet. Dat is ernstig, want nu hebben de vroegere rebellenleiders nog hun eigen gewapende achterban, die men bij een onwelkome verkiezingsuitslag gemakkelijk zou kunnen mobiliseren om de strijd om de macht te hervatten.
Dat die uitslag voor sommige van de huidige machthebbers in Kinshasa nadelig zal uitpakken is nauwelijks te betwijfelen, wat voor een belangrijk deel de vertraging in de wetgeving verklaart. De internationale gemeenschap die op de totstandkoming van de huidige regeringsploeg - ooit gekenmerkt als een stel elkaar beloerende leeuwen in één hok - heeft aangedrongen zal druk moeten blijven uitoefenen om het transitie-proces tot een aanvaardbaar einde te brengen!

Oost-Congo

De grootste bedreiging van dit proces is de situatie in Kivu. De bevolking daar leeft nog steeds in totale onveiligheid en rechteloosheid. Dat geldt niet alleen op het platteland waar milities, met name in de buurt van vindplaatsen van coltan, goud of diamant, rondtrekken en plunderen, maar ook voor de grote steden, zoals Bukavu (de hoofdstad van Zuid-Kivu) waar in juni een door Rwanda gesteunde troep onder leiding van de ex-commandanten Nkunda en Mutebusi moordde en verkrachtte. De laatste tijd is ook Goma (de hoofdstad van Noord-Kivu) het toneel van nachtelijke moorden en verdwijningen blijkbaar met instemming van het lokale bestuur.

Sinds juni is het Congolese nationale leger (FARDC) in Zuid-Kivu versterkt. Onder leiding van generaal Mbusa Mabe zijn de muiters van Mutebusi de Rwandese grens overgejaagd, maar een groep rond Nkunda maakt nog steeds de grensstreek tussen Noord- en Zuid-Kivu onveilig. Die is daar weer druk bezig met illegale winning coltan. Vliegtuigen vol verdwijnen volgens getuigen dagelijks naar Kigali om beladen met wapens en andere militaire goederen terug te keren.
In dit moeilijk toegankelijke gebied (ter grootte van de Benelux) houden zich ook gewapende groepen Rwandese Hutu op, die vaak worden aangeduid als Interahamwe, een benaming die ook wel (ten onrechte) wordt gebruikt voor de FDLR, het verzetsleger tegen de machthebbers in Kigali. Onder leiding van de VN wordt gepoogd in het kader van het DDRRR-programma deze soldaten (en hun gezinnen) te bewegen tot terugkeer naar Rwanda, wat maar matig succes heeft. Sinds kort werken MONUC-troepen samen met de FARDC om meer druk op de ketel te zetten. De Congolese regering wil het gebied pacificeren en onder regeringscontrole brengen, en tegelijk Kagame zijn motief ontnemen om steeds weer Rwandese soldaten het gebied in te sturen.
De VN-macht MONUC zal in de komende maanden worden uitgebreid van 10.000 tot 15.000 man. Helaas is de wijze waarop MONUC opereert vaak weinig gelukkig. Zo is van haar opdracht de bevolking te beschermen niets terecht gekomen toen Mutebusi c.s. Bukavu brandschatte. Ook zijn er veel communicatieproblemen met de bevolking: de manschappen komen merendeels uit Latijns-Amerika en Azie, en spreken geen frans, de omgangstaal in Congo. Hier wreekt zich dat Europese landen (die wel voor geld zorgen) geen soldaten voor MONUC willen leveren.

NSF

Van 26 tot 28 november werd in de Beurs van Berlage te Amsterdam het Nederlands Sociaal Forum gehouden.
Centrale thema's waren daar de afbraak van de verzorgingsstaat, het toenemende racisme vooral tegen moslim(a)s, en de rol van Nederland in de economische globalisering, waarvan vooral de armste derde-wereldlanden de nadelige gevolgen ervaren.
Vanuit dit laatste perspectief wilde Congo-Ned de aandacht vragen voor Congo, zowel in verband met de grondstoffenroof als met het oog op de manier waarop Congo wordt gedwongen te privatiseren en zijn grenzen open te stellen voor westerse producten. Dit laatste op straffe van niet te mogen profiteren van zogenaamde schuld-verlichting. Het gaat hier om de miljarden-schuld die Mobutu is aangegaan waarmee deze niets heeft gedaan ten nutte van de bevolking.

Deze dette odieuse behoort (net zoals men bepleit voor die van Irak, aangegaan door Sadam Hussein) integraal te worden kwijtgescholden zonder in ruil daarvoor het Congolese volk allerlei concessies af te dwingen. Dit betoogde tijdens onze NSF-workshop onze Congolese gast Victor Nzuzi. Hij strijdt in eigen land voor bewustwording van het verkwanselen van de rijkdommen van zijn land aan multinationale ondernemingen en vraagt daarvoor ook aandacht op internationale fora. We deden deze workshop samen met leden van de Rwandese en Burundese diaspora. Een kort verslag staat op onze website

Kisangani

De algemene situatie in Kisangani verbetert gaandeweg.
Een opsteker voor de bevolking was het bezoek van president Kabila aan de stad op 16 october 2004, zijn eerste bezoek aan een proviciehoofdstad in het voorheen bezette Oosten. In de nationale pers die erg gericht is op Kinshasa en omstreken is sprake van een 'herontdekking van Kisangani', dat er nu dus weer helemaal bij hoort. Belangrijk is dat, behalve de rivierverbinding naar Kinshasa, nu ook de spoorlijn naar het zuiden is hersteld, voorlopig tot aan Ubundu (op 125 km), vanwaar de rivier in zuidelijke richting tot Kindu in Maniéma bevaarbaar is. Hulpverleningsorganisaties spreken van een 'humanitaire spoorlijn' omdat hierlangs hulpgoederen kunnen worden vervoerd naar het centrale deel van het land dat tot voor kort bijna onbereikbaar was.

Maar hoe kwetsbaar de stad nog is bleek, toen op 14 november de bliksem insloeg in de hydro-electrische centrale in de Tshopo. Hierdoor kwam de gehele electriciteitsproductie en daarmee de waterzuivering van Kisangani stil te liggen; wat dat betekent voor een stad in de tropen van een half miljoen mensen laat zich raden. Pas na 4 dagen werd de productie hersteld.

Activiteiten

In augustus/september bracht een delegatie van Congo-Ned een bezoek aan kennissen en vrienden in Congo [zie het verslag op onze website]. Een bezoek aan een land als Congo dat kampt met zoveel problemen, schept natuurlijk verplichtingen. Vandaar dat Congo-Ned heeft besloten aan enkele organisaties daar de helpende hand te bieden. We noemen er twee:

* AFEDECO (Action Féminine pour le Développement Communautaire), is een organisatie in Kisangani die ondermeer kleine rurale gemeenschappen in de omgeving van de stad helpt hun voedselproductie te verbeteren. Onder leiding van AFEDECO zijn de boeren begonnen meer gezamenlijk te doen, zoals de aanschaf van zaden, het transport van goederen naar de stad, enz. De organisatie had samen met de boer(inn)en goede resultaten bereikt, toen het geweld in 2002 opnieuw losbarstte en hun land door de onveiligheid onbereikbaar werd. De meeste materiële voorzieningen, als gereedschappen en transportmiddelen, die ze gezamenlijk beheerden raakten ze kwijt. We willen hen helpen de draad weer op te pakken. Als eerste gebaar heeft Congo-Ned gezorgd voor fietsen waarmee landbouwproducten naar de stad kunnen worden vervoerd. [zie de foto]

* ADIMIR (Association pour le Développement Integré en Milieu Rural) beheert ondermeer een klein gezondheidscentrum in de volkswijk Kindele aan de buitenkant van Kinshasa. Het is opgezet als pediatrisch centrum maar op de medische staf wordt steeds vaker een beroep gedaan voor bevallingen en hulp aan zuigelingen. Daarvoor is het centrum echter onvoldoende geëquipeerd. We zijn bezig te proberen voor hen de noodzakelijke apparatuur te krijgen, waarvoor we de hulp hebben gevraagd van de organisatie MEDIC.

* Een meer ludieke actie verdient vermelding: Paul Mbikayi, sinds kort officiëel lid van Congo-Ned, liep de marathon van Amsterdam uit en verdiende daarmee ruim EUR 500,- en een aantal 'voetballen in natura' aan sponsorbijdragen ten behoeve van shegués (straatkinderen) in diverse Congolese steden.

Verschenen

Nationalisering van de landbouwgrond in de dagen van Mobutu en de ongebreidelde en milieuverwoestende winning van grondstoffen voor de wereldmarkt hebben het sociale netwerk in Oost-Congo totaal veranderd. Daarover kan men lezen in de nieuwe studie van Koen Vlassenroot, Timothy Raeymaekers et al.: "Conflict and social transformation in Eastern DR Congo" (Gent, Academia Press, 2004).

De studie laat zien hoe de traditionele gezagsstructuren verdwijnen en vervangen worden door een hyperkapitalistische orde waarin jonge mensen in het graven naar delfstoffen hun fortuin zoeken, tussenhandelaren en (RCD)- militairen de opbrengsten afromen, maar waarbij de grootste voordelen buiten Congo worden behaald.
Andere jongeren zien geen alternatief dan zich aan te sluiten bij een militie die het agrarische land onveilig maakt dan wel dient om één van de mijnen tegen rivalen te beschermen. Voor deze jongeren heeft de traditionele orde afgedaan; ze maken deel uit van een proces van economische globalisering waarin een ongrijpbare wereldmarkt de dienst uitmaakt. Voor ouderen en zieken, en voor vrouwen met kinderen is in die nieuwe orde geen belangstelling of bescherming. Alleen de sterke overleeft.

De kern van het boek bestaat uit een viertal case-studies over de streek Beni-Lubero, Masisi, Goma-stad, en de omgeving van Kamituga. Opvallend is dat men zich, wat de Kivu's betreft, beperkt tot de sociale en politieke processen op micro-niveau, waarbij de Rwandese dominatie buiten beschouwing blijft, maar dat aan de ontwikkelingen in Ituri, waar Uganda de dienst uitmaakte, wel een kritische politieke analyse wordt gewijd. De Ugandese legerchefs hebben bestaande etnische rivaliteiten, die tussen Hema/Gegere en Lendu over landbezit en tussen Gegere en Nande over handelskanalen, aangewakkerd en uitgebuit om voordelig aan goud en diamant te komen. Nu zij noodgedwongen vertrokken zijn is het gebied een sociale ruïne, en zijn de verhoudingen binnen de regerende elite in Uganda zelf verscherpt.

Kerstactie

Bij wijze van Kerstactie willen we een beroep op u ten behoeve van AFEDECO in Kisangani. We willen zorgen dat elk van de vijf boeren-gemeenschappen de beschikking krijgt over een paar kruiwagens: onmisbaar voor iedere tuinbouwer! De apparaten zijn in Kisangani te koop, maar voor henzelf erg duur, namelijk ongeveer $ 50,- per wagen. Helpt u mee? Een bijdrage kunt u storten op de girorekening 9263303 van de Stichting Amani ya Congo te Amsterdam met vermelding van 'Kisangani'.

Laatste berichten

Rond 1 december verschenen in de internationale pers voort het eerst berichten dat opnieuw Rwandese troepen Oost-Congo zijn binnengetrokken, volgens Kagame om Hutu-tegenstanders binnen de Congolese grenzen uit te schakelen. De verbijstering hierover was algemeen: Had Kagame niet net zijn handtekening geplaatst onder de plechtige verklaring van regeringsleiders in Dar-es-Salaam om geschillen voortaan vreedzaam op te lossen? Was MONUC niet juist samen met het Congolese leger actief om deze milities goedschiks of eventueel kwaadschiks te ontwapenen? Wil Kagame eigenlijk wel dat die Rwandese Hutu verdwijnen, of wil hij liever een toestand van chaos laten bestaan om onder die dekmantel de grondstoffen van Congo, zoals coltan (waarvan de wereldmarktprijs juist is verviervoudigd!, en goud (waarvan de prijs op de wereldmarkt eveneens flink is gestegen!), te blijven roven? Vreest hij wellicht dat een democratisch en stabiel Congo een bedreigng zal vormen voor de stabiliteit van zijn eigen dictatoriale regime?

Werkgroep Congo-Ned
Adres: 2e Oosterparkstraat 215 II
1092 BK Amsterdam
Tel. (0)20 6718773
Fax (0)20 4631984

Tekst: Nico Dekker
Logo en fotobewerking: NINO-kunstservice
Als u vragen of opmerkingen heeft naar aanleiding van deze nieuwsbrief, stuur ons dan een berichtje.

>
De spoorlijnen in Congo worden gaandeweg hersteld


De Werkgroep Congo-Ned heeft als doel informatie te verspreiden over Centraal-Afrika, in het bijzonder de DR Congo, en bij te dragen aan de verbetering van de leefsituatie van de bevolking aldaar. Congo-Ned maakt deel uit van de Stichting Amani ya Congo, KvK 34168881.Gironummer 9263303 te Amsterdam.