Paix sur Terre: Editorial april 2012

Bulletin Fondation Paix sur Terre, mei 2012

Fondation Paix Sur Terre, Communication janvier 2013

A propos de l'affaire Yangambi, 15 maart 2013

Het proces tegen Yangambi c.s.

Inleiding

Het proces gaat tegen 4 personen, te weten: mr Firmin Yangambi, advokaat te Kisangani, geaccrediteerd bij het Internationaal Strafhof in Den Haag, en voorzitter van NGO "Paix sur Terre", alsmede kolonel Elia Lokundu, Benjamin Olangi en Eric Kikunda. Ze zijn door minister Lambert Mende op 28 september 2009 in Kinshasa getoond aan de pers. Deze deelde toen mee dat Yangambi op 23 september in Kisangani was gearresteerd terwijl hij een partij wapens begeleidde die in Kinshasa waren gekocht met de bedoeling om vanuit Kisangani een gewapende opstand tegen de Congolese staat te organiseren. Hij zou vervolgens naar Kinshasa zijn overgebracht om te worden overgedragen aan het Militaire Hof te Gombe. Deze gang van zaken wordt bestreden in een communiqué van de ONG "Groupe Lotus" uit Kisangani: Firmin zou veeleer op 27 september zijn aangehouden in de wijk Makiso te Kisangani in aanwezigheid van zijn broer Blaise, en direct afgevoerd naar Kinshasa.

Het Hof (Cour Militaire Kinshasa/Gombe)

Zowel de rechters als de openbare aanklager zijn officieren. De rechters hebben de rang van kolonel, de openbare aanklager is hun superieur, met de rang van generaal. De openbare aanklager is generaal Tim Munkutu Kiyana, een belangrijke persoonlijke adviseur van Joseph Kabila. Hij is als professor aan de UNIKIN, oud-docent van Firmin en van verscheidene van de advokaten, wat hij graag in de rechtzaal uitspeelt. President van de rechtbank is kolonel Masudi.

De advokaten van de verdachten:
- Peter Ngomo Milambo
- Willy Mukangala
- Jules Kalenga
- Jacqueline Yoka Mieli
- Jean-Joseph Mukendi wa Mulumba
- Nswal Ten-a-Bol
- Régine Sesepe
- Ntoto Aley Angu

Bronnen:
- Dagblad Le Potentiel
- Radio Okapi
- Congoindependant
- La Prospérité

Zitting van 21 october 2009

Firmin c.s. worden voorgeleid aan de rechters van het Hof. De beschuldiging luidt: illegaal bezit van oorlogswapens en poging een opstandige beweging op te zetten. De advokaten van de verdachten eisen voorlopige in vrijheid stelling op grond van geconstateerde onregelmatigheden. De dagvaarding bevat onjuiste data, hun clienten is rechtshulp onthouden en zij zijn gemarteld om bekentenissen los te krijgen. De zitting wordt op verzoek van de openbare aanklager, generaal Munkutu, verdaagd tot 28 october.

Zitting van 28 october 2009

Het openbaar ministerie erkent enkele fouten, met name wat betreft het illegale wapenbezit, maar houdt vast aan de beschuldiging van organisatie van een opstandige beweging. De verdediging trekt de kwestie van het wapenbezit in twijfel: om hoeveel wapens gaat het; wie heeft ze meegenomen; waar zijn ze nu? De openbare aanklager, generaal Munkutu, geeft geen duidelijkheid. Met betrekking tot de gang van zaken bij de arrestatie en verhoren van hun clienten heeft de verdediging een memorie opgesteld waarin reeks onregelmatigheden worden opgesomd. Advokaten mr Peter Ngomo spreekt er schande van dat de verdachten allereerst uitvoerig aan de media worden gepresenteerd alvorens ze zelfs maar zijn voorgeleid. Advokaat mr Jules Kalenga zegt zonder succes gepoogd te hebben zijn clienten te bereiken toen zij in Kin-Mazière waar ze onder handen werden genomen door leden van de speciale politie. De verdediging eist intrekking van de, onder tortuur verkregen, processen-verbaal, het opnieuw samenstellen van het gerechtelijk dossier en in voorlopige vrijheid stelling van de verdachten.. Generaal Munkutu verlangt dat de rechtbank de memorie van de verdediging ongegrond oordeelt.

Zitting van 4 november 2009

De president van de rechtbank, kolonel Masudi, verklaart de bezwaren van de verdediging ongegrond en verwerpt het verzoek om voorlopige in vrijheid stelling. De verdediging poogt hiertegen beroep aan te tekenen, waaraan naar hun mening schorsende werking behoort te worden toegekend. Dit wordt door de rechter op eis van generaal Munkutu ter zijde geschoven met verwijzing naar het militaire wetboek van strafrecht. De rechter, kolonel Masudi, vraagt, conform de regels, de verdediging een lijst te geven van op te roepen getuigen à décharge. Yangambi reageert onmiddellijk met een reeks namen van bekende persoonlijkheden, waaronder gouverneur Autsai van de Province Orientale, vice-premier Bongeli, minister Lambert Mende en enkele personen die bij de arrestatie betrokken waren, waaronder majoor Christian (bataljon Simba) die uit Kinshasa was gekomen om Firmin te arresteren. De griffier, mevrouw majoor Benteke, neemt hiervan acte. Aanklager Munkutu maakt direct bezwaar en eist het recht op instemming van het openbaar ministerie met de namen op de lijst. De rechter gaat hiermee akkoord, tot verbijstering van de beklaagden en hun verdediging. De aanklager kondigt aan van zijn kant niet met getuigen te zullen komen maar zich te beperken tot verhoor van de verdachten op basis van de processen verbaal.

Zitting van 11 november 2009

De advokaat mr Peter Ngomo stelt dat de beschuldiging van wapenbezit geen hout snijdt als het gaat om een aanklacht inzake "opstandige beweging" aangezien dit niet als constitutief element in de definitie daarvan voorkomt. De aanklager, generaal Munkutu, komt daarop met een nieuwe beschuldiging: Mr Yangambi was voornemens het staatshoofd te vermoorden! Verbazing alom. De president van de rechtbank stelt vast dat het Hof van deze beschuldigng niet op de hoogte is, en dat daarvan dus eerst een schriftelijke bevestiging moet komen. De discussie gaat vervolgens om de interpretatie van een uitspraak van Yangambi dat hij "de bevolking van Kisangani de beschikking had willen geven over zelfverdedigingsmiddelen", hetgeen volgens het OM over niet anders kan gaan dan over wapens.

Zitting van 18 november 2009

De president geeft Ben Olangi aan de rechtbank te schetsen hoe zijn arrestatie (tezamen met die van zijn vriend Erik) is verlopen. Hij doet dit in extenso.
- Ze waren op 26 september rond 19.00 uur (samen met een peuter van 3 jaar) in opdracht van Firmin naar hotel Estoril gegaan om documenten op te halen bij een zekere pasteur Alain. Deze bleek niet op de afspraak aanwezig.
- Teruglopend werden ze klemgereden door een Jeep met gewapende mannen die hen de auto insloegen en naar Camp Kokolo namen.
- Daar werden ze ontkleed, gemarteld en met de dood bedreigd ondermeer door een schijnexecutie.
- Uiteindelijk zijn ze gedwongen een proces-verbaal te ondertekenen met een bekentenis die vantevoren was klaargemaakt.
Het OM bestempelt dit relaas 'kletsverhaal' en houdt vast aan de processen-verbaal in het dossier.

Zitting van 2 december 2009

Na herhaald verzoek van de verdediging presenteert de aanklager vandaag ter zitting de wapens die naar zijn zeggen zijn aangetroffen in de auto van Ben en Erik. Het zijn er 4, en geen 6 zoals eerder aangekondigd. Bovendien kloppen de nummers niet met het proces-verbaal. Ben en Erik zeggen die wapens nooit te hebben gezien. Ook kolonel Elia zegt deze wapens voor het eerst te zien. Gevraagd naar de rol van Elia in het complot, zegt aanklager Munkutu dat hij erbij was 'voor zijn expertise'. Maar hij kan niet uitleggen om welke 'expertise' het gaat. De aanklager geeft toe dat noch Firmin, noch Elia, 'materieel' de beschikking hebben gehad over de wapens: de één was 'opdrachtgever' , de ander 'expert'.

Zitting van 9 december 2009

Het OM ondervraagt Firmin over enkele Motorola (veldtelefoons) die hij heeft gekocht. Firmin zegt enkele apparaten van dit type te hebben gekocht voor zijn kennis kolonel Bofate Hiamba, die een bewakingsfirma wilde starten. Ben is bij de verzending aan Bofate behulpzaam geweest. Het OM kondigt (in tegenstelling tot eerdere mededelingen) een getuige te willen oproepen. Het blijkt te gaan om deze kolonel Bofate, die door het OM ergens in afzondering wordt gehouden. [Bofate is volgens eerdere krantenberichten in Lubumbashi gearresteerd. Hij is een familielid van Firmin. Volgens geruchten is hij zwaar mishandeld.]

Zitting van 16 december 2009

Getuige Bofate wordt voorgesteld aan het Hof om te worden gehoord. Hij blijkt sinds zijn arrestatie in afzondering te zijn gehouden en geen rechtshulp te hebben gehad. Hij kent Firmin uit zijn geboortedorp. Firmin leverde de Motorola (30 stuks, in twee zendingen) als zijn participatie in een op te zetten bewakingsfirma. Hij had er 5 doorverkocht aan een kennis. Toen het niet vlotte met de onderneming had Firmin de apparaten willen terughebben. Ben, die hij kent als neef van Firmin, had voor de levering gezorgd. De apparaten zijn, op zijn eigen mededeling, aangetroffen in zijn woning. Voor het OM waren de apparaten bedoeld voor de 'geplande opstandige beweging'.

Zitting van 23 december 2009

De verdediging klaagt over partijdigheid van het Hof: haar verzoeken worden steeds afgewezen, die van het OM altijd toegestaan. Het OM beweert dat de wapens aan Firmin zijn verkocht door majoor Christian, dezelfde die de verdediging als getuige wil horen, maar die niet verschijnt omdat het OM zijn toestemming niet verleent. Kolonel Elia wordt ondervraagd over de auto die Firmin hem had geleend, en die volgens het OM gebruikt werd bij de voorbereiding van de opstand. Volgens de processen-verbaal zou Elia ondermeer hebben gezegd dat Firmin onmogelijk kon weten wat hij met de geleende auto doet. Dit wordt door het OM geinterpreteerd als bekentenis van een opstand in voorbereiding.

Zitting van 6 januari 2010

De openbare aanklager, generaal Munkutu, spreekt zijn slotrequisitoir uit. Daarin eist hij tegen Firmin Yangambi en zijn medeverdachten Benjamin Olangi, Eric Kikunda en Kolonel Elya Lokundo de doodstraf wegens poging tot organiseren van de opstandige beweging én nog 20 jaar gevangenisstraf wegens illegaal bezit van oorlogswapens. Hij zegt Yangambi te beschouwen als brein achter de actie die ten doel had een deel van Oostprovincie te bezetten. Ben, Erik en Firmin zouden in de nacht van 22 op 23 september 2009 in de buurt van het grote stadium (Stade des Martyrs) een partij wapens in ontvangst genomen hebben. Deze zouden zijn geleverd door zekere Alain en David, die daarvoor van Yangambi een bedrag van $ 9.000 zouden hebben ontvangen. Op 26 september zijn Ben en Erik ingerekend door de geheime dienst, na volgens de aanklager, op advies van Elya, gepoogd te hebben die wapens (4 stuks) in te ruilen voor betere. Volgens Munkutu is de overheid al sinds 2008 op de hoogte van de plannen van Firmin, toen deze met hulp van kolonel Bofate, die bij de beveiliging van de President werkte, voor de uitvoering van zijn plannen telecom-apparatuur regelde. Volgens Munkutu is extra pikant dat Firmin voorheen nauw samenwerkte met de Presidence, maar zich vervolgens zelf kandidaat stelde bij de presidentsverkiezingen van 2006.
Met het oog op de pleidooien die voor 20 januari op de agenda staan eiste de verdediging inzage in het medisch rapport dat is opgesteld door de gevangenisarts over de drie medeverdachten van Yangambi na hun verhoor in Kin-Maiziere.

Zitting van 20 januari 2010

De zitting is bedoeld als begin van de pleidooien van de verdediging. Maar de advokaten verklaren geen pleidooi te kunnen voeren zonder eerst inzage te hebben gekregen in het rapport van de arts van het ziekenhuis van het Kamp Kokolo. Dit zou immers uitsluitsel moeten geven over de vraag of de verdachten Kikunda, Olangi en Elya door de justitiële politie aan marteling zijn onderworpen, waardoor hun bekentenissen nietig zouden zijn. De aanklager is van mening dat het daarvoor te laat is. Bovendien zegt hij te twijfelen aan het oordeelsvermogen van de medische staf van de gevangenis. Yangambi argumenteert daartegenover dat het Openbaar Ministerie noch het Hof het recht heeft het rapport van de arts, gemaakt in opdracht van de Staat, tegen te houden. Ook is het niet aan de aanklager te oordelen over de kwaliteit van een medisch rapport van een bevoegde arts. Voorts eist mr Ntoto Aley dat ook Firmin Yangambi door een arts zou worden onderzocht en dat het rapport bij het dossier zal worden gevoegd.

Zitting van 27 januari 2010

Hoewel het door de verdediging opgeëiste medisch rapport thans beschikbaar is, is nog geen pleidooi gevoerd. De verdediging brengt een nieuwe onregelmatigheid te berde. Uit onderzoek is gebleken dat noch de eerste advokaat-generaal noch de auditeur militaire beëdigd zijn bij het Militaire Hof van Kinshasa/Gombe en derhalve niet gerechtigd zijn zitting te houden. Het Openbaar Ministerie, bij monde van generaal Munkutu, houdt staande dat dit in de militaire rechtspraak niet nodig is, als een magistraat eenmaal de eed heeft afgelegd voor de president van de Republiek, een standpunt dat volgens de verdediging strijdig is met het militair wetboek van strafrecht. Het Hof zal hierover volgende week uitspraak doen. Met het oog op de pleidooien van de verdediging geeft mevrouw mr Régine Sesepe tenslotte een opsomming van de advokaten die achtereenvolgens het woord zullen voeren en hun taakverdeling.

Zitting van 3 februari 2010

Het bezwaar van de advokaten, dat de leden van het Openbaar Ministerie niet beëdigd zijn, wordt door de rechter verworpen.
Mr Jean-Pierre Mbuli die optreedt namens Firmin Yangambi beschrijft de inzet van zijn client in de afgelopen jaren als activist voor de mensenrechten en tegen de straffeloosheid. Zo ijverde hij voor de instelling van een Internationaal Tribunaal voor Congo, in verband waarmee hij bewijzen verzamelde tegen Oeganda, Rwanda en Burundi. Dit kwam hem te staan op bedreigingen van de kant van degenen die destijds de rebellie ondersteunden. Na een periode van verbeten strijd heeft hij zich echter uit het circuit van de macht teruggetrokken, wat hem opnieuw door sommigen niet in dank werd afgenomen. Blijkbaar is dit nu een reden om hem belachelijk te maken, zoals door het rondventen van leugenachtige verhalen in Kisangani door vice-premier Bongeli, door gouverneur Autsai van Oostprovincie en door het hoofd van de Inlichtingendienst ANR, die suggereert dat hij via zijn contact met MONUC wel betrekkingen zal hebben onderhouden met buitenlandse geheime diensten.
Mr Mbuli wijst nog op een inconsistentie in de aanklacht: de aanklacht heeft ondermeer betrekking op een wapenvondst, maar het aanhoudingsbevel is getekend op 24 september 2009, dus ruim vóór de vondst. Wat het werven van geld in Togo betreft, zogenaamd voor het organiseren van een opstand, daarvoor heeft het OM geen enkel bewijs geleverd: het bestaat zuiver in de fantasie van de aanklager. En hoe moet het óverladen van de wapens op de Boulevard Tromphal hebben plaats gehad, terwijl daar permanent soldaten van de militaire politie en jeeps van het snelle-interventie team (PIR) gestationeerd zijn? "Mijn client is nergens schuldig aan. Dit is niet serieus. Dit proces is een komedie, een fabelverhaal.", aldus de advokaat.
Met betrekking tot het verhoor van zijn client Eric Kikunda vraagt advokaat mr Ntoto Aley zich af wat die "gemengde veiligheidscommissie" is die in het proces verbaal wordt genoemd. Het lijkt wel of we hier in de tijd van Stalin leven! Wat is eigenlijk de rol geweest van de OPJ, de functionaris die volgens de wet een verhoor afneemt? Hij concludeert dat het PV nietig is, omdat het verhoor is afgenomen door niet-bevoegde individuen.

Zittingen van 10 en 11 februari 2010

De verdedigers gaan in op diverse onhelderheden in het requisitoir van de aanklager, generaal Munkutu. Erik en Ben zijn op 26 september gearresteerd vóór het hotel Estoril, alwaar ze naar zeggen wapens wilden ruilen bij wapenhandelaars, aangeduid als "David en Alain". Maar wie zijn dat eigenlijk en waarom worden ze niet in de rechtzaal ondervraagd? De aanklager geeft daarop toe dat deze personen voortvluchtig zijn en worden gezocht, wat bij de advokaat mr Peter Ngoma de vraag doet rijzen of ze wel echt bestaan, anders dan in de fantasie van de aanklager.
En hoe is het met de partij wapens die in Kisangani zou zijn aangetroffen, en die eigendom zouden zijn van Firmin? Die zijn, aldus generaal Munkutu, inmiddels naar Dongo gestuurd om te worden gebruikt bij het onderdrukken van de opstand in Equateur! De verdedigers staan sprakeloos!
Een andere vreemde kwestie is die van de datering van de PV: Erik en Ben zijn op 27 september gehoord, maar de PV dragen 26 september als dagtekening. Geconcludeerd moet dus worden dat de PV vóór het verhoor zijn opgesteld en dus vals zijn! Ze dragen trouwens, naar de advokate mr Régine Sesepe vaststelde, ook niet de vermelding "aldus naar waarheid opgetekend", die wettelijk vereist is. Tegen de achtergrond van al deze en andere ongerijmdheden richt de advokate zich rechtstreeks tot de rechters met de vraag "Wat gaat u nu doen met dit soort PV? Gaat u de wet toepassen met de onvermijdelijke conclusie dat de aanklacht niet bewezen is, of richt u zich naar de wensen van de militaire hierarchie?"

Incident.

Op 15 februari werd één van de advokaten van Firmin Yangambi, mr Peter Ngomo Milambo, s'avonds bij het verlaten van zijn kantoor, onderschept door een voertuig van de Démiap (militaire geheime dienst). Hij werd geboeid en, nadat de auto een eind verderop was gestopt, onder bedreiging met een revolver gefouilleerd. Tenslotte werd hij uit de auto gezet met als enige verklaring dat het een routine-controle betrof. De Démiap, gevraagd om inlichtingen over het incident, verklaarde van niets te weten. Het gaat dus kennelijk om een intimidatie-actie jegens deze scherpzinnige advokaat die ter zitting de militaire rechtbank herhaaldermalen voor schut had gezet.

Uitspraak, 3 maart 2010

De militaire rechtbank heeft heeft de hoofdverdachte, mr Firmin Yangambi Libote, veroordeeld tot de doodstraf. Zijn vrienden Eric Kikunda Bolembo en Benjamin Olangi Makengo kregen beiden 20 jaar dwangarbeid; kolonel Elia Lokunde kreeg levenslang. De rechtbank, bij monde van kolonel Masungi, achtte de aanklachten, te weten illegaal bezit van oorlogswapens en poging een opstand te organisaren, bewezen. Daarin volgt hij het requisitoir van de openbare aanklager, zijn superieur generaal Tim Mukuntu. Volgens de rechter wilde Yangambi een gewapende opstand organiseren in de Province Orientale. Overigens zou Yangambi zelf hebben gezegd de lokale bevolking te willen helpen zichzelf te verdedigen tegen het geweld van de LRA en van de Mbororo. Voor Yangambi gelden geen verzachtende omstandigheden omdat hij zich naar de mening van de rechters "hooghartig" en "eerzuchtig" zou hebben gedragen. Na de uitspraak werden de veroordeelden voor het oog van de wanhopige familieledem en verdedigers hardhandig geboeid, "zoals varkens voor de gang naar het abattoir", aldus één van de advokaten. De verdediging heeft hoger beroep aangetekend. Eén van de advokaten, mr Thoto, zei te vertrouwen op een vrijspraak, gezien de vele onregelmatigheden die tijdens het proces zijn gebleken.

Kommentaar van enkele waarnemers:
- Advokaat Jean-Paul Mbuli tegen Radio Okapi (26/11/09): Het is een politiek proces. De leden van het Hof zijn bang voor de aanklager. Deze houdt vast aan de beschuldiging dat er wapens in het spel zijn omdat het Hof anders helemaal geen basis heeft voor een veroordeling.
- Madeleine Wassembinya in Congo Indépendant (08/01/10): In kringen van mensen uit Kisangani meent men te weten dat Firmin Yangambi slachtoffer is van een komplot, opgezet door bepaalde belangrijke persoonlijkheden uit de Oostprovincie. Sommigen aarzelen niet de beschuldigende vinger te wijzen in de richting van de residentie van de gouverneur van deze regio.

Het hoger beroep


Mr Yangambi met zijn advokaten,
Mr Lelu Newej (r)
John Paddou Bonolinoli (l)

Het hoger beroep voor het Militaire Hooggrechtshof (Haute Cour Militaire) in Kinshasa/Gombe in de zaak tegen mr Firmin Yangambi Libote, Eric Kikunda Bolembo, Benjamin Olangi Makenga en kolonel George Elia Lokundo is begonnen op 8 juli 2010.

In de eraan voorafgaande periode heeft de Franse advokaat Me Martin Pradel (van 27 april tot 1 mei) in opdracht van de Fédération Internationale des Ligues des Droits de l'Homme (FIDH) een waarnemingsmissie in Kinshasa uitgevoerd. Hij heeft op 30 april Firmin Yangambi bezocht in de centrale gevangenis van Makala. Verder heeft hij overlegd met leden van het advokatencollectief voor de verdediging van Yangambi c.s., alsmede met organisaties van advokaten en mensenrechtenverdedigers.
In zijn verslag, getiteld "La justice congolaise met Firmin Yangambi dans les couloirs de la mort en dépit d'une procédure irrégulière" [zie ], wordt een opsomming gegeven van de onregelmatigheden van de procedure tot nu toe. Kort samengevat:
- illegale arrestaties en detenties;
- vervalsing van handtekeningen van beklaagden onder de processen-verbaal;
- militaire jurisdictie jegens burgers;
- onrechtvaardig proces (geen getuigen à décharge geaccepteerd, alle gemotiveerde verzoeken van de verdediging systematisch afgewezen).
Naar de mening van Yangambi is het proces puur politiek: hij wordt beschouwd als tegenstander van het regime omdat hij het voorstel van Joseph Kabila om hem tot minister te benoemen heeft afgewezen. Bovendien heeft hij te kennen gegeven zich kandidaat te willen stellen bij de presidentsverkiezingen van 2006 en die van 2011.

Verscheidene nationale en internationale organisaties van advokaten en mensenrechtenverdedigers hebben de noodklok geluid over het misbruik van het justitiële apparaat door de Congolese overheid om Yangambi en zijn organisatie Paix sur Terre de mond te snoeren. Behalve de FIDH betreft dit met name het Observatoire Internationale des Avocats, waarvan vertegenwoordigers alle rechtszittingen bijwonen.

Zitting van 8 juli 2010

Bij deze zitting heeft de verdediging een memorandum ingediend met het verzoek tot voorlopige in vrijheidstelling van de gedaagden. In dit memo wordt uitvoerig ingegaan op alle onregelmatigheden die zich hebben voorgedaan in het hele traject, vanaf de arrestatie van de verdachten tot aan hun veroordeling in eerste aanleg.
Als advokaten traden op Jean-Joseph Mukendi wa Mulumba, Ntoto Aley, Jean-Paul Mbuli en Peter Ngomo. Zij benadrukten dat de bekentenissen van Eric en Ben in de processen-verbaal van de politie door marteling waren verkregen, waarvan de fysieke bewijzen eerder zijn getoond. Er is sprake van grove schending van de mensenrechten, van de Congolese grondwet en van internationale verdragen waarbij het land partij is.
Het openbaar ministerie, in de persoon van generaal Tim Mukuntu Kiyana, verzocht de rechtbank de zitting op te schorten om hem de gelegenheid te geven het dossier te bestuderen en een antwoord op te stellen. Volgende zitting: 15 juli 2010.

Zitting van 15 juli 2010

Tijdens deze zitting kwam het tot een felle woordenwisseling tussen het Openbaar Ministerie en de advokaten over het bewijsmateriaal dat door het O.M. was aangevoerd. Volgens de verdediging ging het bij de arrestatie van Eric en Ben en bij de vondst van vier vuurwapens in de kofferruimte van hun auto om een montage die was opgezet door de Services Spéciaux van de politie.
Generaal Mukuntu hield vast aan de betrouwbaarheid van het bewijsmateriaal en verzocht het Hof het verzoek van het advokatencollectief tot voorlopige in vrijheidstelling van de gedaagden af te wijzen. Hierover zal over acht dagen uitspraak worden gedaan.

Zitting van 23 juli 2010

Zoals verwacht heeft het Hof het verzoek om Firmin Yangambi en zijn drie medebeklaagden in vrijheid te stellen afgewezen.
De inhoudelijke behandeling van de zaak, die was voorzien voor 29 juli, is wegens absentie van enkele rechters en ziekte van Yangambi, voorlopig uitgesteld tot 19 augustus.

Zitting van 19 augustus 2010

De zitting ging voornamelijk over het 'illegale bezit van wapens' en de omstandigheden waaronder die wapens zouden zijn aangetroffen. Het O.M. houdt staande dat de wapens lagen in de auto waarin Erik Kikunda en Ben Olangi zaten. Het gaf wel toe dat bij Yangambi en kolonel Elia geen wapens waren gevonden. Overigens waren de processen verbaal over de wapenvondst door de rechter in eerste instantie verworpen wegens 'onregelmatigheden'. De verwarring werd ter zitting alleen maar erger. In een kort verslag over de gang van zaken schrijft mr John Paddou, een lid van het advokatencollectief dat de verdediging doet: "Bij hun antwoorden ontkennen de beklaagden wapens in bezit te hebben gehad. Na verificatie van de wapens voor hun identificatie bleken er bij het hoger beroep 6 wapens te zijn tegen 5 bij het proces in eerste aanleg. Erger nog: van 3 wapens corresponderen de serienummers niet met de originele acte van beschuldiging."
De zaak zal vrijdag 27 augustus worden voortgezet. Bij die gelegenheid heeft het Hof op verzoek van de verdediging drie officieren als getuige opgeroepen, waaronder colonel Mukalay, die beschuldigd wordt van betrokkenheid bij de moord op Floribert Chebeya. Mukalay wordt er door de beklaagden van beschuldigd persoonlijk deel genomen hebben aan hun marteling.
Firmin Yangambi heeft overigens zelf bij het Hooggerechtshof een klacht ingediend wegens ondergane marteling, waarbij hij zich in het bijzonder richt op generaal Tim Mukuntu (hoofdaanklager in deze zaak) "die bij zijn systematische vervolging van politieke opposanten van nu dienende zaak een persoonljke aangelegenheid lijkt te hebben gemaakt".

Zitting van 27 augustus 2010

Deze zitting was gewijd aan het horen van twee officieren, te weten kolonel Muntokole van de Demiap (militaire inlichtingendienst) en majoor Katanga Djadjidja van de Militaire Politie (waarvan de beruchte generaal John Numbi Banza de chef is). Ze werden speciaal gehoord over de manier waarop de wapens bij Eric en Ben zouden zijn aangetroffen. Advokaat John Paddou schrijft: "De twee officieren hebben aan de rechters gerapporteerd dat ze de genoemde wapens niet persoonlijk hadden gezien, dat ze evenmin hadden geverifieerd dat de wapens in het bezit waren van de beklaagden bij hun arrestatie". Kolonel Muntokole gaf toe dat de wapens bij de Demiap vandaan kwamen en dat ze gebruikt waren voor een valstrik tegen Firmin Yangambi die door de diensten beschouwd wordt als politieke opposant en die onschadelijk gemaakt moest worden. Eric en Ben waren dus niet in het bezit van een partij wapens. Bovendien waren ze niet gearresteerd tijdens een routine-controle (zoals in eerste aanleg was beweerd) maar bij een speciaal in elkaar gezette operatie. Majoor Djadjidja beweerde dat hij weliswaar geen wapens had gezien in de auto van Eric, maar wel 'raketten', overigens zonder raketwerper, waarvan in het dossier echter niets staat vermeld.
De eveneens gedaagde kolonel Daniel Mukalay, die in de Makala-gevangenis zit in verband met de zaak Chebeya, was niet verschenen.
Generaal Tim Mukuntu kreeg van het Hof de toezegging dat verder verhoor van de officieren (iets, waartegen deze zich in eerste aanleg al fel had verzet) achter gesloten deuren plaatsvindt, klaarblijkelijk om te voorkomen dat het publiek kennis neemt van de illegale praktijken, zoals het systeem van martelingen, van het regime. De behandeling is verdaagd naar vrijdag 3 september.

Zitting van 3 september 2010

Deze zitting (achter gesloten deuren) betrof een vervolg op de discussie over de wapens die volgens het O.M. in de auto van Eric en Ben waren aangetroffen. Na een fysieke verificatie van de 6 gepresenteerde wapens is geconstateerd dat er slechts één vermeld staat in de acte van beschuldiging. De overige vijf kunnen derhalve om die reden geen deel uitmaken van het bewijsmateriaal.
De zitting is verdaagd naar woensdag 8 september

Zitting geannuleerd

De zitting van 8 september vond geen doorgang vanwege het overlijden van één van de rechters, kolonel Tsinu Phukuta, advokaat-generaal van de FARDC. De president van Hof, generaal Nyembo Yabuzilu, heeft nog geen nieuwe datum vastgesteld.

Zitting van 6 october 2010

Het ging op deze zitting vooral over de vraag of Yangambi opdracht had gegeven tot het organiseren van een gewapende opstandige beweging. Dit werd door alle verdachten ten stelligste ontkend. Yangambi legde uit, met gemeenschappen in de provincie Orientale (waar de mensen veel te maken hebben met overvallen door gewapende groepen) wel eens te hebben gesproken over de vraag hoe men op lokaal niveau zelf-verdediging zou kunnen organiseren, om zich tegen de invallers te verdedigen. Daarbij was echter nooit sprake van gebruik van wapens. Het openbaar ministerie, bij monde van generaal Munkutu, bleef echter volhouden dat zijn medeverdachten Ben Olangi en Eric Kikunda hadden bekend betrokken te zijn geweest bij de aankoop van wapens. Dat deze bekentenissen waren afgedwongen door marteling (zoals op eerdere zittingen uitvoerig aan de orde was geweest) werd door de generaal verworpen; volgens hem was van marteling nooit sprake geweest. Opnieuw werd door de verdediging een opsomming gegeven van alle onregelmatigheden in de processtukken die waren geconstateerd bij de zogenaamde wapentransactie, zoals foutieve serienummers, tegenspraken inzake het tijdstip van transactie, e.d.. Het Hof verklaarde tenslotte voldoende te zijn ingelicht en kondigde aan dat op de volgende zitting (13 october) kon worden begonnen met het requisitoir van het OM en het pleidooi van de verdediging.
Aan de groep verdedigers werd met instemming van het Hof een advokaat uit Congo-Brazzaville toegevoegd, te weten mr Joel Claude Paka.

Zitting van 13 october 2010

In tegenstelling tot de verwachtingen vroeg generaal Munkutu namens het OM om voortzetting van de hoorzittingen. Met name wenste hij nadere inlichtingen van de getuigen Amisi en Bofate over de kwestie van walkie-talkies (Motorola) die Yangambi aan Bofate heeft geleverd. Deze zouden naar zijn mening een rol hebben gespeeld in een complot tegen het Staatshoofd. Yangambi vestigde de aandacht van het Hof op het feit dat de Motorola's niet eens deel uitmaken van het dossier: ze zijn namelijk door Munkutu zelf ingepikt! Bovendien beschuldigde hij Munkutu ervan in een persoonlijk gesprek druk op Eric Kikunda te hebben uitgeoefend om zich van hem (Yangambi) te distantiëren. Volgens de generaal zelf had hij met Eric gepraat op verzoek van diens moeder die hij persoonlijk kent.
Het OM kondigde ook aan bij de volgende zitting enkele video-opnamen te willen vertonen die tijdens de verhoren van de verdachten waren gemaakt.

Zitting van 27 october 2010

De zitting was gewijd aan het horen van kolonel Bofate, ondercommandant van de Republikeinse Garde, en aan een video-opname van de verhoren van Yangambi en Kikunda door de zogeheten "gemengde veiligheidscommissie". Bofate zette nog eens uiteen dat de Motorola's op zijn verzoek door Yangambi waren aangeschaft ten behoeve van een op te zetten bewakingsfirma. De aankoop had dus niets te maken met een of andere kriminele activiteit.
De video bleek een montage van circa 45 minuten te zijn van fragmenten uit verhoren die over 4 dagen waren gespreid geweest en minstens 120 uur geduurd hadden. De opnamen bleken van slechte kwaliteit, met veel achtergrondgeluid, waardoor de twee ondervraagden nauwelijks verstaanbaar waren. Bovendien waren slechts gedeelten van hun lichamen zichtbaar, waarbij alleen duidelijk was dat zij in een moeilijke houding waren vastgebonden. De opnamen bevatten geen aanduiding van plaats of tijd; evenmin werd duidelijk wie de ondervragers waren. Volgens Yangambi waren de opnamen gemaakt in het bureau van kolonel Mukalay, de man die ook verantwoordelijk wordt gehouden voor de dood van de mensenrechtenactivist Chebeya. De beelden zijn volgens hem getruct om te maskeren dat hun benen met kettingen aan de stoel waren vastgezet. Volgens hem is het beeldmateriaal zowel technisch als legaal onacceptabel: volgens de wet zijn immers alleen originele beelden toelaatbaar, terwijl het hier kennelijk gemonteerd en gecopieerd materiaal betreft. Als advokaat van Eric Kikunda eiste mr Peter Ngomo de video op om deze nader te kunnen analyseren. (Volgende zitting : 5 november.)

Zitting van 25 november 2010

[Dit was de eerste zitting na 27 october 2010.]

Kolonel Bofate lichtte het Hof in over de walkie-talkies (Motorola): Deze zijn door Yangambi gekocht - 28 stuks- met het idee om samen een bewakingsfirma in Kisangani op te zetten. Het idee dateerde al van 2007-2008. De onderneming was niet van de grond gekomen omdat een groot project bij Kisangani, het plan voor de bouw van de cementfabriek Sorgerie, uiteindelijk niet vóór 2013 tot stand zou komen. Bofate had toen besloten te proberen de reeds gekochte Motorola's door te verkopen en aan Yangambi zijn geld te restitueren. Vijf ervan had hij verkocht aan een zekere majoor Mutombo (soldatennaam "Mobile One") die ze nodig had voor zijn werk bij de Présidence. Op de rest was ten huize van kolonel Bofate beslag gelegd, maar waar ze sindsdien gebleven zijn werd ter zitting niet duidelijk. Op de vraag van de president van het Hof, kolonel Nsimbi, waarom die in beslag genomen walkie-talkies niet aan het Hof ter beschikking waren, zei de generaal dat hij, Munkutu, er zeker van was dat Bofate niets met de kwestie van 'de wapens' te maken had en die Motorola's bij een ander dossier thuis hoorden!
Kolonel Bofate benadrukte desgevraagd dat Yangambi tegen hem nooit gepraat had over wapens of over een opstandige beweging.

Zitting van 14 december 2010

De zitting was gewijd aan het requisitoire van de aanklager generaal Munkutu. Hij eiste dezelfde straffen als in eerste instantie: de doodstraf voor Yangambi, levenslang voor kolonel Elia Lokundo en 20 jaar voor Eric Kikunda en Benjamin Olangi. De aanklager onderbouwde zijn eis met het opdissen van het volgende verhaal [Le Potentiel van 15 december 2010]:
- Yangambi hield aanvankelijk contact met de instituties van de staat. Zo had hij als lid van de société civile deelgenomen aan de Intercongolese Dialoog is Sun City, maar hij voelde zich daarna niet voldoende beloond voor zijn diensten. Pretenderend dat het volk tekort werd gedaan en de hulpbronnen van Congo niet eerlijk werden gedeeld, had hij zich 'zelfs' kandidaat gesteld voor de presidentsverkiezingen.
- Vervolgens was, volgens de aanklager, in het hoofd van Yangambi het plan gerijpt voor een gewapende opstand. Daarvoor had hij zich verzekerd van de hulp van een zekere Idi Amin en van Ben Olangi en Eric Kikunda. Zijn contact bij de presidentiële beveiliging was aanvankelijk kolonel Bofate, maar toen deze zich terugtrok, kreeg hij de medewerking van kolonel Elia Lokundo. Bovendien legde hij, volgens het verhaal, contact met de FDLR.
- Geld kreeg Yangambi uit het buitenland, met name via zijn ONG "Paix sur Terre" en door een bron in Togo.
- Wapens werden geleverd door een zekere David, een handelaar die hem was aanbevolen door kolonel Elia. De overdracht vond, volgens het verhaal van Munkutu, plaats in de nacht van 22 op 23 september 2009 aan de Boulevard Triomphal in Kinshasa. Maar helaas waren deze wapens verroest en dus onbruikbaar.
- Toen Eric en Ben de wapens volgens een afspraak met David (die vergezeld was van een dominee Alain) op 26 september gingen ruilen in Hotel Estoril, liepen ze tegen de lamp. De wapens die lagen in de kofferbak van hun auto werden in beslag genomen. Dit hebben beiden, volgens de aanklager, bekend ten overstaan van een 'enquete commissie'.

Zitting van 17 december 2010

De zitting was gewijd aan de pleitredes van de verdachten en hun advokaten. Allevier ontkenden ten stelligste iets te maken te hebben met een 'opstandige beweging'. Hun versie van de gang van zaken is de volgende [Le Potentiel 18 december 2010]:
- In het kader van zijn werk voor de stichting Paix sur Terre was mr Yangambi op het spoor gekomen van onregelmatigheden bij de exploitatie van uranium uit de mijnen van Katanga. Blijkbaar vormde dit een gevaar voor 'bepaalde generaals van het Congolese leger'.
- Een dominee, aangeduid als Alain, die in Kinshasa verbleef had Yangambi bepaalde documenten beloofd die op deze uraniumhandel betrekking hadden. Afgesproken werd dat Ben Olangi ze op 22 september 2009 om 19.00 uur zou komen halen bij de in Kinshasa bekende winkel Hasson& freres.
- Omdat Ben geen auto bezat, gingen ze met die van zijn vriend Erik Kikunda. Bij de winkel troffen ze ds Alain niet aan, maar deze vroeg hen per telefoon naar Hotel Estoril te komen.
- In de hal van het hotel bleek ds Alain vergezeld van iemand die David heette. Alain zei de documenten tot zijn spijt nog niet gereed te hebben. Toen ze onverrichterzake naar buiten kwamen werden ze gearresteerd en meegnomen naar het bureau van kolonel Daniel Mukalay [adjunct-chef Nationale Politie].
- Deze voegde hen toe dat het niet om henzelf ging maar om mr Yangambi. Omringd door enkele mannen met bivakmutsen, aangeduid als 'tueurs', bedreigde hij hen met de dood als ze niet bereid waren mee te werken. In de uren daarna zijn ze zwaar gemarteld.
- De door de aanklager opgevoerde 'feiten' komen geheel en al voort uit de fantasie van het openbaar ministerie. Dat de groep de 'kern' vormde voor een opstand is volstrekt uit de lucht gegrepen.
De verdediging ging vervolgens nog een keer uitvoerig in op de talloze onregelmatigheden in het dossier, zoals me betrekking tot tijdstippen van verschillende handelingen en de in beslag genomen wapens. Om te concluderen dat het vonnis in eerste aanleg ten onrechte was geveld en diende te worden vernietigd.

Ter zitting was in de zaal een grote delegatie aanwezig van het 'Conférence Internationale des Barreaux Francophones" (CIB) die van 15 tot 18 december in Kinshasa zijn 25e congres hield, met thema "De Opbouw van een Rechtsstaat". Aan het einde van het congres nam de vergadering ondermeer een solidariteitsverklaring met hun confrere Yangambi aan. In de woorden van de nieuwe voorzitter van de CIB, de Togolees Me Aquereburu, tegenover een verslaggever van Radio Okapi [19 december 2010] : "De franstalige advokaten zijn solidair. Allen zijn bij het proces van Me Yangambi geweest. Daarmee demonstreren zij de gehechtheid van de CIB aan de praktijk van goed recht en aan eerlijke justitie".

Een aangekondigde zitting op 24 december werd om onbekende redenen afgelast.

Op de laatste zittingsdag (29 december) werden geen nieuwe feiten aangedragen. Alleen werd duidelijk dat het Hof niet bereid was de kwestie van de uraniumhandel in de discussie te betrekken. Volgens Yangambi zelf, klaarblijkelijk uit angst!

Aangekondigd werd dat de uitspraak op 6 januari 2011 beschikbaar zou zijn.

De verwachte uitspraak van het militair hooggerechtshof is uitgebleven. Begin april werden de zittingen heropend.

Zitting van 5 april 2011

De verdediging betoogde dat de dossiers van de verdachten diverse procedurele 'onregelmatigheden' bevatten. Het Hof stemde er vervolgens mee in de kwesties nader te bestuderen en besloot het debat te heropenen.

Zitting van 19 april 2011

Ter zitting werd kolonel Daniel Mukalay van de inlichtingendienst (DRGS) als getuige gehoord. Hij is aangeklaagd in de zaak van de moord op de mensenrechtenactivist Floribert Chebeya en heeft ook een centrale rol gespeeld bij de arrestatie van de beklaagden. Over de zitting is in de pers niets bericht. Uit telefonische informatie is bekend geworden dat de kolonel heeft beweerd niets van de zaak-Yangambi af te weten. Volgens zijn verklaring zijn er veel zaken op zijn bureau die, hoewel formeel tot zijn verantwoordelijkheid horend, (op gezag van zijn chef generaal John Numbi) via andere kanalen worden afgehandeld.

Zitting van 26 april 2011

Meegedeeld werd dat bij onderzoek dat verband hield met de zaak-Chebeya in de Jeep van kolonel Mukalay vuurwapens zijn aangetroffen waaronder een raketwerper (met nummer 589), die ook in het dossier van Yangambi c.s. voorkomt. Het wapen behoort namelijk tot die welke volgens het proces verbaal op 26 september 2009 zouden zijn aangetroffen in de auto van Ben Olangi en Eric Kikunda. Tegen de regels in was dit wapen echter niet als bewijsstuk bij de rechter gedeponeerd, omdat het naar zeggen van het O.M. naar het leger in de provincie Equateur was gestuurd, waar toen een gewapend conflict woedde.
Yangambi herhaalde voor het Hof dat hij nooit in het bezit van wapens is geweest, dat de zogenaamd in de auto van Ben en Eric aangetroffen wapens aan Mukalay toebehoren en dat hijzelf en de zijnen slachtoffer zijn van een montage die door een maffieuze groep rond Mukalay is opgezet om hem achter de tralies te krijgen. Daarachter steekt naar zijn overtuiging het onderzoek dat zijn organisatie Paix sur Terre bezig was uit voeren naar illegale transacties met uranium in Katanga, waarbij enkele generaals uit de hoogste rangen van het Congolese leger betrokken waren.Deze mededeling werd door de president van het Hof verontwaardigd afgehamerd.
Gehoord werd ook hoofdcommissaris Georgette Sengambo van de DRGS die (formeel) de leiding had van het verhoor van Ben en Eric na hun arrestatie. Het proces verbaal daarvan was, vreemd genoeg, gedateerd op 26 september, terwijl het verhoor had plaatsgehad op 27 september (nadat de twee in de nacht ervoor waren gemarteld). De commissaris gaf toe dat het proces verbaal reeds klaar lag toen zij op 27 september des morgens op het bureau kwam en dat zij ervan had afgezien, alvorens het te ondertekenen, de datum te corrigeren!

Zitting van 31 mei 2011

Verwacht was dat het Hof op deze zitting de uitspraak zou bekend maken. Het verklaarde echter over enkele zaken nog onvoldoende duidelijkheid te hebben en aan het openbaar ministerie nader uitleg te hebben gevraagd.

Uitspraak op 14 juni 2011

Het militaire hooggerechtshof veroordeelde Firmin Yangambi tot 20 jaar gevangenisstraf en zijn medebeklaagden Eric Kikunda en Ben Olangi elk tot 10 jaar gevangenisstraf.

In zijn toelichting erkende de president, kolonel Emmanuel Nsimba, dat de beklaagden in het bureau DRGS/Kin-Mazière waren onderworpen aan marteling.

Hij verklaarde voorts dat het openbaar ministerie géén overtuigend bewijs had geleverd dat sprake was van poging tot organiseren van een opstandige beweging, volgens de termen die in de wet zijn omschreven. Wel achtte hij illegaal wapenbezit van Yangambi, Kikunda en Olangi bewezen.

Het Hof concludeerde tot vrijspraak van kolonel Elia Lokundo omdat het O.M. niet had aangetoond dat hij illegaal in het bezit van wapens is geweest.

Het Cassatieverzoek

Overtuigd van hun onschuld hebben Firmin Yangambi, Eric Kikunda en Ben Olangi beroep aangetekend bij het Opperste Gerechtshof (Cour Suprème de Justice). Op dit verzoek om cassatie behoorde het Hof volgens de wet uiterlijk op 3 october 2012 een uitspraak te doen. Dit geschiedde echter niet: gemeld werd slechts dat het dossier van de drie was 'verdwenen' en sindsdien 'onvindbaar' was.

Na enkele malen uitstel werd door het Hof uiteindelijk een zittingsdatum vastgesteld op 8 juli 2013. Deze datum werd op het laatste moment alsnog een week verschoven, naar 15 juli 2013. Toen de drie en hun verdedigers, de advokaten Ntoto en Mukendi, zich voorbereiden om naar de zitting te gaan viel het bericht: De zitting van het Opperste Gerechtshof had reeds plaatsgevonden, onder voorzitterschap van rechter Bikoma bij afwezigheid van de verdedigers en hun clienten, die over de wijziging van de zittingsdatum niet waren ingelicht! De cassatieverzoeken van Yangambi, Kikunda en Olangi waren door het Hof verworpen in afwezigheid van de belanghebbenden.

Opmerking van de redactie:
De verslaggever van Le Potentiel, Donatien Ngandu Mupompa, heeft het hele proces nauwgezet gevolgd en beschreven [zie met name de edities van. 15/12/2010 en 19/12/2010]. enkele dagen na zijn laatste verslag (op 23 december) is hij, terugkerend van de krant, bij zijn huis overvallen en van al zijn eigendommen, waaronder enkele USB-sticks, beroofd.